BWBR0033523
Geldig vanaf 29-06-2013
Artikel 3
Deelregeling Internationalisering Creatieve Industrie
1. Het project moet minstens gericht zijn op een van de volgende punten:
a. het ontwikkelen en profileren van het onderscheidend vermogen van de Nederlandse creatieve industrie om oplossingen aan te reiken voor maatschappelijke en grootstedelijke vraagstukken; daartoe omvat het project een gedegen communicatiestrategie, waarin ten minste beschreven is op welke doelgroepen de activiteiten zich richten en wat het beoogde resultaat is;
b. de bevordering van internationale werkgelegenheid van de Nederlandse creatieve industrie, doordat het project een buitenlandse vraag aan het Nederlandse aanbod koppelt;
c. het opbouwen van een netwerk van duurzame, relevante relaties in binnen- en buitenland, welke zijn gericht op het versterken van de relaties tussen ontwerpers, makers, producenten en opdrachtgevers;
d. het uitvoeren van een verkenning die een bijdrage levert of zal leveren aan de doelstellingen van de regeling. In een dergelijk geval kan het Bestuur bepalen dat het eerste lid van artikel 5 buiten toepassing kan blijven.
2. Het internationale project omvat een voor- en natraject. Het voortraject bestaat minimaal uit een gedegen voorbereiding in samenwerking met relevante partijen. Het natraject bestaat minimaal uit een evaluatie en terugkoppeling van opgedane kennis en ervaring van internationale activiteiten aan vooraf omschreven relevante doelgroepen.
a. het ontwikkelen en profileren van het onderscheidend vermogen van de Nederlandse creatieve industrie om oplossingen aan te reiken voor maatschappelijke en grootstedelijke vraagstukken; daartoe omvat het project een gedegen communicatiestrategie, waarin ten minste beschreven is op welke doelgroepen de activiteiten zich richten en wat het beoogde resultaat is;
b. de bevordering van internationale werkgelegenheid van de Nederlandse creatieve industrie, doordat het project een buitenlandse vraag aan het Nederlandse aanbod koppelt;
c. het opbouwen van een netwerk van duurzame, relevante relaties in binnen- en buitenland, welke zijn gericht op het versterken van de relaties tussen ontwerpers, makers, producenten en opdrachtgevers;
d. het uitvoeren van een verkenning die een bijdrage levert of zal leveren aan de doelstellingen van de regeling. In een dergelijk geval kan het Bestuur bepalen dat het eerste lid van artikel 5 buiten toepassing kan blijven.
2. Het internationale project omvat een voor- en natraject. Het voortraject bestaat minimaal uit een gedegen voorbereiding in samenwerking met relevante partijen. Het natraject bestaat minimaal uit een evaluatie en terugkoppeling van opgedane kennis en ervaring van internationale activiteiten aan vooraf omschreven relevante doelgroepen.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033523
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl