BWBR0034136
Geldig vanaf 02-11-2013
Artikel 5
Deelregeling kunstbeurzen
1. Het bevoegd adviesorgaan adviseert het Mondriaan Fonds bij de vaststelling van de lijst, zoals bedoeld in artikel 4 lid 1.
2. Met uitzondering van het bepaalde in artikel 4 lid 1 worden aanvragen ter advisering voorgelegd aan een adviescommissie.
3. Bij de beoordeling van een in het tweede lid bedoelde aanvraag, waarbij het de presentatie van bestaand werk betreft, als bedoeld in artikel 2 derde en vierde lid, geeft het bevoegd adviesorgaan een oordeel over het belang van het voorstel voor de hedendaagse beeldende kunst in Nederland. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd in onderlinge samenhang:
– Het belang en de internationale reputatie van de beurs zoals die tot uitdrukking komt in de kwaliteit van de programmering, het publieksbereik (zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht), de reputatie van de beurs; de mate van aandacht in relevante aandacht in media.
– De motivatie voor deelname aan deze beurs.
– De kwaliteit van het presentatieplan.
– De kwaliteit van het te tonen werk.
– Het belang en de reputatie van de galerie dan wel de curator.
4. Bij de beoordeling van een in het tweede lid bedoelde aanvraag, waarbij het de productie van nieuw werk betreft, als bedoeld in artikel 2 vijfde lid geeft het bevoegd adviesorgaan een oordeel over het belang van het voorstel voor de hedendaagse beeldende kunst in Nederland. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd in onderlinge samenhang:
– Het belang en de internationale reputatie van de beurs zoals die tot uitdrukking komt in de kwaliteit van de programmering, het publieksbereik (zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht), de reputatie van de beurs; de mate van aandacht in relevante aandacht in media.
– De reputatie van de curator.
– De kwaliteit van het werkplan.
– De kwaliteit van het tot het moment van de aanvraag door de kunstenaar opgebouwde oeuvre en de ontwikkeling daarvan.
– Het werkplan en het presentatieplan en het oordeel over aspecten van het cultureel ondernemerschap zoals de onderzoekende houding van de kunstenaar en diens capaciteit verbindingen met derden aan te gaan.
5. Indien de bijdrage de productie van nieuw werk betreft, telt dit in principe in positieve zin mee.
6. Indien het bevoegd adviesorgaan de in het eerste lid en voorzover van toepassing het in het tweede lid van dit artikel bedoelde aspecten niet van voldoende belang acht, komt het tot een negatief advies over de aanvraag.
7. Indien het bevoegd adviesorgaan het in het in het eerste lid en voorzover van toepassing het in het tweede lid van dit artikel bedoelde aspecten wel van voldoende belang acht, komt het tot een positief advies over de aanvraag.
8. Een positief advies kan vergezeld gaan van een aanbeveling over de hoogte van de toe te kennen bijdrage alsmede de periode waarover de financiële bijdrage verstrekt wordt.
9. Het bestuur kan het bevoegd adviesorgaan verzoeken de positieve adviezen in volgorde van prioriteit te rangschikken op basis van het oordeel zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel. Alsdan onderbouwt het die prioritering.
2. Met uitzondering van het bepaalde in artikel 4 lid 1 worden aanvragen ter advisering voorgelegd aan een adviescommissie.
3. Bij de beoordeling van een in het tweede lid bedoelde aanvraag, waarbij het de presentatie van bestaand werk betreft, als bedoeld in artikel 2 derde en vierde lid, geeft het bevoegd adviesorgaan een oordeel over het belang van het voorstel voor de hedendaagse beeldende kunst in Nederland. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd in onderlinge samenhang:
– Het belang en de internationale reputatie van de beurs zoals die tot uitdrukking komt in de kwaliteit van de programmering, het publieksbereik (zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht), de reputatie van de beurs; de mate van aandacht in relevante aandacht in media.
– De motivatie voor deelname aan deze beurs.
– De kwaliteit van het presentatieplan.
– De kwaliteit van het te tonen werk.
– Het belang en de reputatie van de galerie dan wel de curator.
4. Bij de beoordeling van een in het tweede lid bedoelde aanvraag, waarbij het de productie van nieuw werk betreft, als bedoeld in artikel 2 vijfde lid geeft het bevoegd adviesorgaan een oordeel over het belang van het voorstel voor de hedendaagse beeldende kunst in Nederland. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd in onderlinge samenhang:
– Het belang en de internationale reputatie van de beurs zoals die tot uitdrukking komt in de kwaliteit van de programmering, het publieksbereik (zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht), de reputatie van de beurs; de mate van aandacht in relevante aandacht in media.
– De reputatie van de curator.
– De kwaliteit van het werkplan.
– De kwaliteit van het tot het moment van de aanvraag door de kunstenaar opgebouwde oeuvre en de ontwikkeling daarvan.
– Het werkplan en het presentatieplan en het oordeel over aspecten van het cultureel ondernemerschap zoals de onderzoekende houding van de kunstenaar en diens capaciteit verbindingen met derden aan te gaan.
5. Indien de bijdrage de productie van nieuw werk betreft, telt dit in principe in positieve zin mee.
6. Indien het bevoegd adviesorgaan de in het eerste lid en voorzover van toepassing het in het tweede lid van dit artikel bedoelde aspecten niet van voldoende belang acht, komt het tot een negatief advies over de aanvraag.
7. Indien het bevoegd adviesorgaan het in het in het eerste lid en voorzover van toepassing het in het tweede lid van dit artikel bedoelde aspecten wel van voldoende belang acht, komt het tot een positief advies over de aanvraag.
8. Een positief advies kan vergezeld gaan van een aanbeveling over de hoogte van de toe te kennen bijdrage alsmede de periode waarover de financiële bijdrage verstrekt wordt.
9. Het bestuur kan het bevoegd adviesorgaan verzoeken de positieve adviezen in volgorde van prioriteit te rangschikken op basis van het oordeel zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel. Alsdan onderbouwt het die prioritering.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0034136
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl