BWBR0034459
Geldig vanaf 01-01-2015
Artikel 9
Deelreglement Realisering van de Stichting Nederlands Fonds voor de Film
1. Het besluit tot subsidieverlening (Fase 2) kan worden voorafgegaan door een voornemen tot subsidieverlening (Fase 1).
2. Het bestuur kan bij het besluit tot subsidieverlening, indien de noodzaak en de (financiële) onderbouwing daarvoor in de aanvraag is opgenomen, een aanvullende bijdrage verlenen voor:
a.) de vervaardiging van sales deliveries ten behoeve van internationale verkoop van een filmproductie; en/of
b.) audiodescriptie en ondertiteling om de filmproductie bij exploitatie ervan via de verschillende platforms toegankelijk te maken voor visueel en auditief gehandicapten; en/of
c.) preproductie;
d.) de kosten van de productiemaatschappij voor marketingactiviteiten in de realiseringsfase van een arthouse film, en documentaire, zoals opgenomen in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds, indien de inzet en de effectiviteit daarvan naar het oordeel van het bestuur voldoende wordt onderbouwd.
3. Op grond van een voornemen tot subsidieverlening voor de realisering van een arthouse film en documentaire kan het bestuur, indien de noodzaak en de (financiële) onderbouwing daarvoor in de aanvraag is opgenomen, een aanvullende bijdrage verlenen ter tegemoetkoming van de kosten voor marketing, prints & advertisingzoals opgenomen in de lijstsubsidiabele kosten marketing, prints & advertising en vastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds.
4. De bijdrage, zoals bedoeld in het vorige lid, wordt verleend indien de vereiste stukken in Fase 2 zijn opgeleverd en goedgekeurd.
2. Het bestuur kan bij het besluit tot subsidieverlening, indien de noodzaak en de (financiële) onderbouwing daarvoor in de aanvraag is opgenomen, een aanvullende bijdrage verlenen voor:
a.) de vervaardiging van sales deliveries ten behoeve van internationale verkoop van een filmproductie; en/of
b.) audiodescriptie en ondertiteling om de filmproductie bij exploitatie ervan via de verschillende platforms toegankelijk te maken voor visueel en auditief gehandicapten; en/of
c.) preproductie;
d.) de kosten van de productiemaatschappij voor marketingactiviteiten in de realiseringsfase van een arthouse film, en documentaire, zoals opgenomen in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds, indien de inzet en de effectiviteit daarvan naar het oordeel van het bestuur voldoende wordt onderbouwd.
3. Op grond van een voornemen tot subsidieverlening voor de realisering van een arthouse film en documentaire kan het bestuur, indien de noodzaak en de (financiële) onderbouwing daarvoor in de aanvraag is opgenomen, een aanvullende bijdrage verlenen ter tegemoetkoming van de kosten voor marketing, prints & advertisingzoals opgenomen in de lijstsubsidiabele kosten marketing, prints & advertising en vastgelegd in het Financieel & Productioneel Protocol van het Fonds.
4. De bijdrage, zoals bedoeld in het vorige lid, wordt verleend indien de vereiste stukken in Fase 2 zijn opgeleverd en goedgekeurd.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0034459
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl