BWBR0035132
Geldig vanaf 17-04-2026
Artikel 3
Vrijstellingsregeling eieren
Eieren mogen, in afwijking van bijlage VII, deel VI, onderdeel III, onder 2, van verordening (EU) nr. 1308/2013, worden gemerkt in het eerste pakstation waaraan de eieren worden geleverd indien het eiermerksysteem op de productie-inrichting defect is, mits:
a. sinds de melding, bedoeld in artikel 4, maximaal vijf werkdagen zijn verstreken;
b. de eieren worden gestempeld met de producentencode van de pluimveehouder;
c. het pakstation dat de eieren stempelt gelegen is in Nederland;
d. door de producent aan de Stichting COKZ onverwijld documentatie wordt verstrekt waaruit blijkt dat is voldaan aan de onderdelen b en c; en
e. door de producent aan de Stichting COKZ onverwijld documentatie wordt verstrekt waaruit de volgende gegevens blijken: 1°. de bedrijfsgegevens van de productie-inrichting;
2°. de gegevens van de betrokken stallen;
3°. de bedrijfsgegevens van het pakstation dat de eieren gaat merken;
4°. de datum waarop het eiermerksysteem defect is gegaan; en
5°. de datum waarop het eiermerksysteem wordt gerepareerd.
1°. de bedrijfsgegevens van de productie-inrichting;
2°. de gegevens van de betrokken stallen;
3°. de bedrijfsgegevens van het pakstation dat de eieren gaat merken;
4°. de datum waarop het eiermerksysteem defect is gegaan; en
5°. de datum waarop het eiermerksysteem wordt gerepareerd.
a. sinds de melding, bedoeld in artikel 4, maximaal vijf werkdagen zijn verstreken;
b. de eieren worden gestempeld met de producentencode van de pluimveehouder;
c. het pakstation dat de eieren stempelt gelegen is in Nederland;
d. door de producent aan de Stichting COKZ onverwijld documentatie wordt verstrekt waaruit blijkt dat is voldaan aan de onderdelen b en c; en
e. door de producent aan de Stichting COKZ onverwijld documentatie wordt verstrekt waaruit de volgende gegevens blijken: 1°. de bedrijfsgegevens van de productie-inrichting;
2°. de gegevens van de betrokken stallen;
3°. de bedrijfsgegevens van het pakstation dat de eieren gaat merken;
4°. de datum waarop het eiermerksysteem defect is gegaan; en
5°. de datum waarop het eiermerksysteem wordt gerepareerd.
1°. de bedrijfsgegevens van de productie-inrichting;
2°. de gegevens van de betrokken stallen;
3°. de bedrijfsgegevens van het pakstation dat de eieren gaat merken;
4°. de datum waarop het eiermerksysteem defect is gegaan; en
5°. de datum waarop het eiermerksysteem wordt gerepareerd.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035132
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl