BWBR0035366 Geldig vanaf 2014-08-01
Artikel 6
Regeling OV-begeleiderskaart
1. Een OV-begeleiderskaart verliest zijn geldigheid:
a. door het verstrijken van de op de OV-begeleiderskaart opgenomen geldigheidsduur;
b. door afgifte van een nieuwe OV-begeleiderskaart;
c. door het onbevoegd aanbrengen van wijzigingen op de OV-begeleiderskaart;
d. door het overlijden van de houder van de OV-begeleiderskaart;
e. door ongeldigverklaring als bedoeld in het tweede lid.
2. De minister verklaart een OV-begeleiderskaart ongeldig, indien deze is afgegeven op grond van door of namens de aanvrager verschafte onjuiste gegevens en de OV-begeleiderskaart niet zou zijn verstrekt indien de onjuistheid van die gegevens ten tijde van de aanvraag bekend zou zijn geweest.
a. door het verstrijken van de op de OV-begeleiderskaart opgenomen geldigheidsduur;
b. door afgifte van een nieuwe OV-begeleiderskaart;
c. door het onbevoegd aanbrengen van wijzigingen op de OV-begeleiderskaart;
d. door het overlijden van de houder van de OV-begeleiderskaart;
e. door ongeldigverklaring als bedoeld in het tweede lid.
2. De minister verklaart een OV-begeleiderskaart ongeldig, indien deze is afgegeven op grond van door of namens de aanvrager verschafte onjuiste gegevens en de OV-begeleiderskaart niet zou zijn verstrekt indien de onjuistheid van die gegevens ten tijde van de aanvraag bekend zou zijn geweest.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035366
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl