BWBR0035981
Geldig vanaf 01-07-2026
Artikel 3.16
Verordening op de advocatuur
1. Een stagiaire schrijft zich voor of bij aanvang van de stage bij de uitvoeringsorganisatie in voor de beroepsopleiding advocaten via de Nederlandse orde van advocaten.
2. Een stagiaire is toegelaten tot de beroepsopleiding advocaten en wordt in staat gesteld het onderwijs te volgen indien en voor zo lang:
a. hij is ingeschreven op het tableau;
b. de stage voortduurt;
c. het cursus- en examengeld binnen de betalingstermijn is voldaan; en
d. de algemene raad de deelname aan de beroepsopleiding advocaten niet heeft beëindigd wegens fraude.
3. Een stagiaire die niet meer is toegelaten tot de beroepsopleiding advocaten behoudt zijn toetskansen.
4. Vervallen.
5. De algemene raad kan van het tweede lid, aanhef en onderdelen b en c, afwijken in gevallen waarin toepassing daarvan zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
2. Een stagiaire is toegelaten tot de beroepsopleiding advocaten en wordt in staat gesteld het onderwijs te volgen indien en voor zo lang:
a. hij is ingeschreven op het tableau;
b. de stage voortduurt;
c. het cursus- en examengeld binnen de betalingstermijn is voldaan; en
d. de algemene raad de deelname aan de beroepsopleiding advocaten niet heeft beëindigd wegens fraude.
3. Een stagiaire die niet meer is toegelaten tot de beroepsopleiding advocaten behoudt zijn toetskansen.
4. Vervallen.
5. De algemene raad kan van het tweede lid, aanhef en onderdelen b en c, afwijken in gevallen waarin toepassing daarvan zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
- Citeren als
- Art. 3.16
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0035981
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl