BWBR0036710
Geldig vanaf 01-07-2015
Artikel 9
Uitkeringsreglement WW 2015
1. De werknemer aan wie het UWV een voorschot op de uitkering heeft verleend, maakt op verzoek van het UWV zijn eventuele aanspraak naar burgerlijk recht geldend.
2. De in het eerste lid bedoelde werknemer dient, op verzoek van het UWV, zo spoedig mogelijk bij de bevoegde gemeente een aanvraag om bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand in.
3. De in het eerste lid bedoelde werknemer machtigt het UWV desgevraagd tot het in ontvangst nemen van de gelden die hij, over de periode waarover voorschotten zijn verleend, ontvangt van degene jegens wie hij zijn aanspraak naar burgerlijk recht tracht geldend te maken tot ten hoogste het bedrag van de verleende voorschotten.
4. De in het eerste lid bedoelde werknemer machtigt het UWV desgevraagd tot het in ontvangst nemen van de bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand die hij van de in het tweede lid bedoelde gemeente ontvangt, indien en voor zover deze bijstand betrekking heeft op de periode waarover voorschotten zijn verleend tot ten hoogste het bedrag van de verleende voorschotten.
5. Het UWV kan aan de betaling van voorschotten andere voorschriften verbinden.
2. De in het eerste lid bedoelde werknemer dient, op verzoek van het UWV, zo spoedig mogelijk bij de bevoegde gemeente een aanvraag om bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand in.
3. De in het eerste lid bedoelde werknemer machtigt het UWV desgevraagd tot het in ontvangst nemen van de gelden die hij, over de periode waarover voorschotten zijn verleend, ontvangt van degene jegens wie hij zijn aanspraak naar burgerlijk recht tracht geldend te maken tot ten hoogste het bedrag van de verleende voorschotten.
4. De in het eerste lid bedoelde werknemer machtigt het UWV desgevraagd tot het in ontvangst nemen van de bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand die hij van de in het tweede lid bedoelde gemeente ontvangt, indien en voor zover deze bijstand betrekking heeft op de periode waarover voorschotten zijn verleend tot ten hoogste het bedrag van de verleende voorschotten.
5. Het UWV kan aan de betaling van voorschotten andere voorschriften verbinden.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0036710
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl