BWBR0037021
Geldig vanaf 01-10-2015
Artikel 20
SER-Fusiegedragsregels 2015
1. Een schriftelijk verzoek bevat:
a. de naam en de woonplaats of vestigingsplaats van de verzoekende partij of partijen;
b. de naam en de woonplaats of de vestigingsplaats van de als verweerder aan te merken partij of partijen;
c. een omschrijving van de omstandigheden die tot het geschil aanleiding hebben gegeven en de conclusies die daaruit door de verzoekende partij of partijen worden getrokken;
d. een aanduiding van de beslissing die aan de Geschillencommissie wordt gevraagd.
2. Indien het schriftelijk verzoek wordt ingediend door een gemachtigde van de verzoekende partij, niet zijnde een advocaat, moet bij het schriftelijk verzoek een machtiging zijn gevoegd.
a. de naam en de woonplaats of vestigingsplaats van de verzoekende partij of partijen;
b. de naam en de woonplaats of de vestigingsplaats van de als verweerder aan te merken partij of partijen;
c. een omschrijving van de omstandigheden die tot het geschil aanleiding hebben gegeven en de conclusies die daaruit door de verzoekende partij of partijen worden getrokken;
d. een aanduiding van de beslissing die aan de Geschillencommissie wordt gevraagd.
2. Indien het schriftelijk verzoek wordt ingediend door een gemachtigde van de verzoekende partij, niet zijnde een advocaat, moet bij het schriftelijk verzoek een machtiging zijn gevoegd.
- Citeren als
- Art. 20
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0037021
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl