BWBR0037055
Geldig vanaf 2020-06-18
Artikel 9
Subsidieregeling flexibel hoger onderwijs voor volwassenen
1. Voor zover het een subsidie tot € 25.000 aan een bekostigde instelling betreft, geschiedt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan.
2. Voor zover het een subsidie van € 25.000 tot € 125.000 aan een bekostigde instelling betreft, geschiedt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G1. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan.
3. Voor zover het een subsidie van € 125.000 of meer aan een bekostigde instelling betreft, geschiedt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G2. De vaststelling vindt plaats binnen een jaar na de indiening van het jaarverslag over het laatste jaar van besteding.
2. Voor zover het een subsidie van € 25.000 tot € 125.000 aan een bekostigde instelling betreft, geschiedt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G1. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan.
3. Voor zover het een subsidie van € 125.000 of meer aan een bekostigde instelling betreft, geschiedt de verantwoording van de subsidie in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijsmet model G2. De vaststelling vindt plaats binnen een jaar na de indiening van het jaarverslag over het laatste jaar van besteding.