BWBR0037156
Geldig vanaf 16-01-2024
Artikel 2
Sanctieregeling Burundi 2015
1. De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, artikel 4 bis, tweede en derde lid, artikel 5, artikel 6, en artikel 7, eerste lid, van Verordening 2015/1755 is de Minister van Financiën voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van tegoeden of informatie van financiële aard.
2. De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, artikel 4 bis, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel 7, eerste lid, van Verordening 2015/1755 is de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van economische middelen of informatie anders dan van financiële aard.
2. De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, artikel 4, artikel 4 bis, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel 7, eerste lid, van Verordening 2015/1755 is de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor zover het betreft de vrijgave of beschikbaarstelling van economische middelen of informatie anders dan van financiële aard.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0037156
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl