BWBR0037406
Geldig vanaf 01-01-2016
Artikel 5
Tijdelijke regeling onafhankelijke toetsing bijzondere bevoegdheden Wiv 2002 jegens advocaten en journalisten
Ingeval van uitoefening van een bijzondere bevoegdheid als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van de wet wordt door het hoofd van de dienst diens voornemen daartoe door tussenkomst van de minister voor advies voorgelegd aan de commissie. Artikel 3, tweede tot en met zesde lid, alsmede artikel 4, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing. De commissie brengt haar advies uit aan de betrokken minister.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0037406
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl