BWBR0040520
Geldig vanaf 01-05-2018
Artikel 4
Rijkswet consulaire bescherming EU-burgers
1. Een EU-burger kan Onze Minister door tussenkomst van een vertegenwoordiging van het Koninkrijk in het desbetreffende land verzoeken om consulaire bescherming.
2. Bij het verzoek toont hij zijn identiteit en nationaliteit aan met een geldig paspoort of een geldige identiteitskaart. Bij het ontbreken van een geldig paspoort of een geldige identiteitskaart, kan verzoeker zijn identiteit en nationaliteit met elk ander middel aantonen. Wat betreft familieleden die de verzoeker vergezellen kunnen identiteit en familieband met elk ander middel worden aangetoond.
2. Bij het verzoek toont hij zijn identiteit en nationaliteit aan met een geldig paspoort of een geldige identiteitskaart. Bij het ontbreken van een geldig paspoort of een geldige identiteitskaart, kan verzoeker zijn identiteit en nationaliteit met elk ander middel aantonen. Wat betreft familieleden die de verzoeker vergezellen kunnen identiteit en familieband met elk ander middel worden aangetoond.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0040520
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl