BWBR0044968
Geldig vanaf 2021-03-26
Artikel 27
Tijdelijke regeling aanvullende dienstverlening
1. Het UWV brengt jaarlijks over het voorgaande jaar, uiterlijk op 15 maart, aan de Minister financieel verslag uit over beheer van de budgetten, bedoeld in artikel 25, derde lid, overeenkomstig artikel 49, van de Wet SUWIen de krachtens die bepaling geldende regels.
2. In het verslag, bedoeld in artikel 5.10a, zevende lid, van de Regeling SUWI, worden de uitbetalingen van de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 17 tot en met 21, opgenomen, alsmede de ontvangen voorschotten, bedoeld in artikel 25, derde lid.
3. De uitbetalingen alsmede de ontvangen voorschotten worden gespecificeerd naar de budgetten zoals genoemd in artikel 25, derde lid.
4. Na beoordeling van het verslag rekent de Minister de uitbetalingen alsmede de ontvangen voorschotten met betrekking tot het desbetreffende kalenderjaar af, met als valutadatum 1 april van het hierop volgende kalenderjaar.
2. In het verslag, bedoeld in artikel 5.10a, zevende lid, van de Regeling SUWI, worden de uitbetalingen van de vergoedingen, bedoeld in de artikelen 17 tot en met 21, opgenomen, alsmede de ontvangen voorschotten, bedoeld in artikel 25, derde lid.
3. De uitbetalingen alsmede de ontvangen voorschotten worden gespecificeerd naar de budgetten zoals genoemd in artikel 25, derde lid.
4. Na beoordeling van het verslag rekent de Minister de uitbetalingen alsmede de ontvangen voorschotten met betrekking tot het desbetreffende kalenderjaar af, met als valutadatum 1 april van het hierop volgende kalenderjaar.