BWBR0046239
Geldig vanaf 2022-02-21
Artikel 3.10
Regeling diergeneesmiddelen 2022
1. De houder heeft een schriftelijke overeenkomst met een dierenarts.
2. Indien de houder bij meerdere diersoorten antimicrobiële diergeneesmiddelen gebruikt, heeft de houder één overeenkomst per diersoort.
3. In de overeenkomst zijn ten minste de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 3.11en 3.12, eerste en tweede lid, artikel 1.28, tweede lid, van het Besluit houders van dierenen artikel 5.9, tweede lid, van het Besluit diergeneeskundigen, opgenomen.
4. De houder en dierenarts handelen overeenkomstig het bepaalde in de overeenkomst.
2. Indien de houder bij meerdere diersoorten antimicrobiële diergeneesmiddelen gebruikt, heeft de houder één overeenkomst per diersoort.
3. In de overeenkomst zijn ten minste de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 3.11en 3.12, eerste en tweede lid, artikel 1.28, tweede lid, van het Besluit houders van dierenen artikel 5.9, tweede lid, van het Besluit diergeneeskundigen, opgenomen.
4. De houder en dierenarts handelen overeenkomstig het bepaalde in de overeenkomst.