BWBR0048272
Geldig vanaf 13-06-2023
Artikel 31
Reglement van Orde van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
1. De Voorzitter benoemt voor iedere commissie een commissievoorzitter en een commissieondervoorzitter.
2. Bij afwezigheid van zowel de commissievoorzitter als de commissieondervoorzitter treedt het lid van de commissie dat het langst zitting heeft in de Kamer, of bij gelijke zittingsduur het oudste lid in leeftijd, op als voorzitter.
3. Als twee of meer commissies een gezamenlijke vergadering houden, bepalen de commissievoorzitters in onderling overleg wie van hen, of welke commissieondervoorzitter, als voorzitter optreedt. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
2. Bij afwezigheid van zowel de commissievoorzitter als de commissieondervoorzitter treedt het lid van de commissie dat het langst zitting heeft in de Kamer, of bij gelijke zittingsduur het oudste lid in leeftijd, op als voorzitter.
3. Als twee of meer commissies een gezamenlijke vergadering houden, bepalen de commissievoorzitters in onderling overleg wie van hen, of welke commissieondervoorzitter, als voorzitter optreedt. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 31
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0048272
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl