BWBR0048272
Geldig vanaf 13-06-2023
Artikel 80
Reglement van Orde van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
1. Na de beraadslaging te hebben gesloten, stelt de Voorzitter de stemming over een wetsvoorstel of ander voorstel aan de orde.
2. Wanneer geen van de leden om stemming verzoekt, stelt de Voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aanvaard.
3. De Voorzitter bepaalt het moment waarop de stemming zal plaatsvinden.
4. Indien om stemmen bij hoofdelijke oproeping is verzocht, vindt de stemming in de volgende vergadering plaats, tenzij de Kamer anders besluit of dit Reglement anders bepaalt.
5. Het derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de besluitvorming over voorstellen van orde als bedoeld in artikel 62, tweede lid.
2. Wanneer geen van de leden om stemming verzoekt, stelt de Voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aanvaard.
3. De Voorzitter bepaalt het moment waarop de stemming zal plaatsvinden.
4. Indien om stemmen bij hoofdelijke oproeping is verzocht, vindt de stemming in de volgende vergadering plaats, tenzij de Kamer anders besluit of dit Reglement anders bepaalt.
5. Het derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de besluitvorming over voorstellen van orde als bedoeld in artikel 62, tweede lid.
- Citeren als
- Art. 80
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0048272
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl