BWBR0052212
Geldig vanaf 14-02-2026
Artikel 13.13
Wet collectieve warmte
1. Een verhuurder of een vereniging van eigenaars of een daarmee vergelijkbare rechtsvorm meldt binnen een half jaar na inwerkingtreding van dit artikel aan het college de levering en transport van warmte op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel in een bepaald gebied aan zijn huurder of de leden van de vereniging van eigenaars of een daarmee vergelijkbare rechtsvorm tenzij:
a. het de levering en het transport van warmte, bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onderdeel d, betreft;
b. het de doorlevering en het transport van warmte, bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onderdeel e of f, betreft.
2. De verhuurder, vereniging van eigenaars of daarmee vergelijkbare rechtsvorm, bedoeld in het eerste lid, wordt met de melding geacht een ontheffing als bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, verkregen te hebben voor 30 jaar.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop melding wordt gedaan en de bij de melding te verstrekken gegeven en bescheiden.
a. het de levering en het transport van warmte, bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onderdeel d, betreft;
b. het de doorlevering en het transport van warmte, bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onderdeel e of f, betreft.
2. De verhuurder, vereniging van eigenaars of daarmee vergelijkbare rechtsvorm, bedoeld in het eerste lid, wordt met de melding geacht een ontheffing als bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, verkregen te hebben voor 30 jaar.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop melding wordt gedaan en de bij de melding te verstrekken gegeven en bescheiden.
- Citeren als
- Art. 13.13
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0052212
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl