BWBR0001866
Geldig vanaf 1902-11-01
Artikel 8
Locaalspoor- en Tramwegwet
1. Op spoorwegen, waarop geen ander vervoer plaats heeft dan personenvervoer binnen ééne gemeente, zijn artikel 1en de in artikel 4aangehaalde wet niet van toepassing. Artikel 5, vierde lid, blijft op deze spoorwegen van toepassing.
2. Met die spoorwegen kunnen door Ons, den Raad van State gehoord, worden gelijk gesteld spoorwegen of spoorweggedeelten, waarop in hoofdzaak geen ander dan zoodanig vervoer plaats heeft, of welke uit anderen hoofde niet van aanmerkelijke beteekenis zijn voor het doorgaand verkeer.
3. Bij Ons besluit tot gelijkstelling kan worden bepaald, dat de artikelen 2 en 3 op in dat besluit bedoelde spoorwegen of spoorweggedeelten van toepassing blijven.
4. De voorgaande leden zijn niet van toepassing op stadsspoorwegen.
2. Met die spoorwegen kunnen door Ons, den Raad van State gehoord, worden gelijk gesteld spoorwegen of spoorweggedeelten, waarop in hoofdzaak geen ander dan zoodanig vervoer plaats heeft, of welke uit anderen hoofde niet van aanmerkelijke beteekenis zijn voor het doorgaand verkeer.
3. Bij Ons besluit tot gelijkstelling kan worden bepaald, dat de artikelen 2 en 3 op in dat besluit bedoelde spoorwegen of spoorweggedeelten van toepassing blijven.
4. De voorgaande leden zijn niet van toepassing op stadsspoorwegen.