BWBR0001869
Geldig vanaf 1923-01-01
Artikel 62
Wetboek van Militair Strafrecht
De in artikel 60, onder 2°, bedoelde vrijwilliger bij de krijgsmacht of de dienstplichtige wordt geacht in werkelijke dienst te zijn:
1°. zodra hij, voor de werkelijke dienst opgeroepen of vrijwillig in werkelijke dienst komende, op de plaats van zijn bestemming is aangekomen, zodra hij zich voor deze dienst heeft aangemeld of zodra hij voor deze dienst is overgenomen, een en ander totdat hij met groot verlof vertrekt;
2°. zolang hij deelneemt aan militaire oefening of militair onderricht, dan wel enige andere militaire werkzaamheid verricht;
3°. zolang hij als vrijwilliger of dienstplichtige of als verdachte in een militaire strafzaak bij enig onderzoek tegenwoordig is;
4°. zolang hij uniformkleding of het voor hem vastgestelde kenteken of onderscheidingsteken draagt;
5°. zolang hij in een militaire inrichting of aan boord van een vaartuig der krijgsmacht straf ondergaat.
1°. zodra hij, voor de werkelijke dienst opgeroepen of vrijwillig in werkelijke dienst komende, op de plaats van zijn bestemming is aangekomen, zodra hij zich voor deze dienst heeft aangemeld of zodra hij voor deze dienst is overgenomen, een en ander totdat hij met groot verlof vertrekt;
2°. zolang hij deelneemt aan militaire oefening of militair onderricht, dan wel enige andere militaire werkzaamheid verricht;
3°. zolang hij als vrijwilliger of dienstplichtige of als verdachte in een militaire strafzaak bij enig onderzoek tegenwoordig is;
4°. zolang hij uniformkleding of het voor hem vastgestelde kenteken of onderscheidingsteken draagt;
5°. zolang hij in een militaire inrichting of aan boord van een vaartuig der krijgsmacht straf ondergaat.