BWBR0001869
Geldig vanaf 1923-01-01
Artikel 84
Wetboek van Militair Strafrecht
Met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt gestraft de militair die in tijd van oorlog opzettelijk:
1°. enige onder zijn bevelen staande versterkte of bezette plaats of post, ofwel de krijgsmacht of enig deel daarvan aan de vijand overgeeft of in 's vijands macht doet of laat overgaan, zonder daarvoor of daarbij alles gedaan of bedongen te hebben wat zijn plicht onder die omstandigheden van hem eiste;
2°. de onder zijn bevelen staande plaats, post, vaartuig of luchtvaartuig der krijgsmacht buiten noodzaak eigendunkelijk ontruimt of verlaat;
3°. bij een gevecht met de vijand zijn plicht niet nakomt om met de onder zijn bevelen staande krijgsmacht aan het gevecht deel te nemen of tegenover de vijand stand te houden.
4°. de onder zijn bevelen staande krijgsmacht, geheel of ten dele, buiten noodzaak naar onzijdig gebied doet of laat overgaan.
1°. enige onder zijn bevelen staande versterkte of bezette plaats of post, ofwel de krijgsmacht of enig deel daarvan aan de vijand overgeeft of in 's vijands macht doet of laat overgaan, zonder daarvoor of daarbij alles gedaan of bedongen te hebben wat zijn plicht onder die omstandigheden van hem eiste;
2°. de onder zijn bevelen staande plaats, post, vaartuig of luchtvaartuig der krijgsmacht buiten noodzaak eigendunkelijk ontruimt of verlaat;
3°. bij een gevecht met de vijand zijn plicht niet nakomt om met de onder zijn bevelen staande krijgsmacht aan het gevecht deel te nemen of tegenover de vijand stand te houden.
4°. de onder zijn bevelen staande krijgsmacht, geheel of ten dele, buiten noodzaak naar onzijdig gebied doet of laat overgaan.