BWBR0001950
Geldig vanaf 2013-12-18
Artikel 49jj
Algemeen Rijksambtenarenreglement
1. Indien de reistijd van de VWNW-kandidaat voor woon-werkverkeer door een wijziging van de plaats van tewerkstelling met meer dan 15 minuten per enkele reis toeneemt, wordt deze extra reistijd, voor zover deze meer is dan 15 minuten, gedurende twee jaar als werktijd aangemerkt.
2. Gedurende het derde, vierde en vijfde jaar wordt respectievelijk 75%, 50% en 25% van de in het eerste lid bedoelde extra reistijd als werktijd aangemerkt.
3. Voor de voormalige VWNW-kandidaat die de in het eerste lid bedoelde aanspraak heeft, en voor wie binnen twee jaar anders dan op zijn aanvraag opnieuw de plaats van tewerkstelling wijzigt, wordt bij de berekening van de extra reistijd uitgegaan van de totale toename ten opzichte van de reistijd zoals die was voor de eerste wijziging.
4. Indien de tweede toename van de reistijd meer dan 15 minuten bedraagt ten opzichte van de reistijd zoals die was na de eerste wijziging, vangt de in het eerste en tweede lid genoemde termijn, gedurende welke de aanspraak bestaat, opnieuw aan.
5. De ambtenaar voor wie binnen twee jaar voor de tweede maal anders dan op eigen aanvraag de plaats van tewerkstelling wijzigt en voor wie pas na de tweede wijziging de toename van de reistijd meer dan 15 minuten bedraagt, heeft aanspraak op de voorziening, bedoeld in het eerste en tweede lid, vanaf de tweede wijziging.
6. Voor de bepaling van de reistijd wordt uitgegaan van de route met de minste reistijd, berekend met de ANWB-routeplanner.
7. Bij de plaatsing in een functie binnen de sector Rijk kan het bevoegd gezag de werktijd, bedoeld in het eerste en tweede lid, vergelden tegen het voor de VWNW-kandidaat geldende salaris per uur direct voorafgaande aan de plaatsing in de nieuwe functie, indien de VWNW-kandidaat daarmee instemt.
8. Bij de aanvaarding van een functie buiten de sector Rijk door de VWNW-kandidaat wordt de volledige omvang van de werktijd, bedoeld in het eerste lid en tweede lid, eenmalig vergolden tegen het voor hem geldende salaris per uur direct voorafgaande aan het ontslag.
9. De voormalige VWNW-kandidaat die de in het eerste lid bedoelde aanspraak heeft en voor wie de plaats van tewerkstelling op zijn aanvraag wederom wijzigt, wordt de extra reistijd herberekend. Bij een afname van de reistijd wordt de reistijd die als werktijd geldt naar rato aangepast. Bij een toename van de reistijd blijft de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste en tweede lid ongewijzigd.
2. Gedurende het derde, vierde en vijfde jaar wordt respectievelijk 75%, 50% en 25% van de in het eerste lid bedoelde extra reistijd als werktijd aangemerkt.
3. Voor de voormalige VWNW-kandidaat die de in het eerste lid bedoelde aanspraak heeft, en voor wie binnen twee jaar anders dan op zijn aanvraag opnieuw de plaats van tewerkstelling wijzigt, wordt bij de berekening van de extra reistijd uitgegaan van de totale toename ten opzichte van de reistijd zoals die was voor de eerste wijziging.
4. Indien de tweede toename van de reistijd meer dan 15 minuten bedraagt ten opzichte van de reistijd zoals die was na de eerste wijziging, vangt de in het eerste en tweede lid genoemde termijn, gedurende welke de aanspraak bestaat, opnieuw aan.
5. De ambtenaar voor wie binnen twee jaar voor de tweede maal anders dan op eigen aanvraag de plaats van tewerkstelling wijzigt en voor wie pas na de tweede wijziging de toename van de reistijd meer dan 15 minuten bedraagt, heeft aanspraak op de voorziening, bedoeld in het eerste en tweede lid, vanaf de tweede wijziging.
6. Voor de bepaling van de reistijd wordt uitgegaan van de route met de minste reistijd, berekend met de ANWB-routeplanner.
7. Bij de plaatsing in een functie binnen de sector Rijk kan het bevoegd gezag de werktijd, bedoeld in het eerste en tweede lid, vergelden tegen het voor de VWNW-kandidaat geldende salaris per uur direct voorafgaande aan de plaatsing in de nieuwe functie, indien de VWNW-kandidaat daarmee instemt.
8. Bij de aanvaarding van een functie buiten de sector Rijk door de VWNW-kandidaat wordt de volledige omvang van de werktijd, bedoeld in het eerste lid en tweede lid, eenmalig vergolden tegen het voor hem geldende salaris per uur direct voorafgaande aan het ontslag.
9. De voormalige VWNW-kandidaat die de in het eerste lid bedoelde aanspraak heeft en voor wie de plaats van tewerkstelling op zijn aanvraag wederom wijzigt, wordt de extra reistijd herberekend. Bij een afname van de reistijd wordt de reistijd die als werktijd geldt naar rato aangepast. Bij een toename van de reistijd blijft de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste en tweede lid ongewijzigd.