BWBR0002386
Geldig vanaf 1964-12-01
Artikel 53
Wet gewetensbezwaren militaire dienst
1. De tewerkgestelde, die opzettelijk ongeoorloofd afwezig is, wordt gestraft:
a. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie, indien die afwezigheid langer dan vier dagen duurt;
b. met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie, indien die afwezigheid langer dan dertig dagen duurt dan wel de schuldige zich heeft verwijderd met het oogmerk zich voorgoed aan de dienstverplichtingen te onttrekken.
2. Onder afwezig zijn wordt verstaan het afwezig zijn van die plaats of plaatsen waar de tewerkgestelde zich ter vervulling van de op betrokkene rustende dienstverplichtingen behoort te bevinden; onder zich verwijderen wordt mede begrepen het zich schuil houden, afwezig blijven of achterblijven van die plaats of plaatsen.
a. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie, indien die afwezigheid langer dan vier dagen duurt;
b. met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie, indien die afwezigheid langer dan dertig dagen duurt dan wel de schuldige zich heeft verwijderd met het oogmerk zich voorgoed aan de dienstverplichtingen te onttrekken.
2. Onder afwezig zijn wordt verstaan het afwezig zijn van die plaats of plaatsen waar de tewerkgestelde zich ter vervulling van de op betrokkene rustende dienstverplichtingen behoort te bevinden; onder zich verwijderen wordt mede begrepen het zich schuil houden, afwezig blijven of achterblijven van die plaats of plaatsen.