BWBR0002529
Geldig vanaf 20-08-1966
Artikel 3
Besluit nadere regeling inschrijving ziekenfondsverzekering
1. In afwachting van de ontvangst van het advies, bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Beschikking inkomensvaststelling bejaardenziekenfondsverzekering, schrijft het ziekenfonds degene, die zich aanmeldt voor de bejaardenverzekering, voorlopig voor de duur van ten hoogste drie maanden in, tenzij het vermoedt, dat de betrokkene niet tot de bejaardenverzekering kan worden toegelaten.
2. Gedurende de voorlopige inschrijving, als bedoeld in het voorgaande lid, int het ziekenfonds van de betrokkene de premie, bedoeld in artikel 25, vierde lid, van de Ziekenfondswet, tenzij het vermoedt, dat het inkomen van de betrokkene niet meer bedraagt dan het inkomensbedrag, genoemd in artikel 25, vierde lid, der Ziekenfondswet, in welk geval het ziekenfonds de premie, bedoeld in artikel 25, derde lid, van de Ziekenfondswet, int.
Met het inkomensbedrag, genoemd in artikel 25, vierde lid, van de Ziekenfondswet, waarnaar in de vorige volzin wordt verwezen, wordt bedoeld het overeenkomstig artikel 20, tweede lid, van de Ziekenfondswet herziene bedrag, indien laatstgenoemde bepaling toepassing heeft gevonden.
3. Blijkt na ontvangst van het advies, bedoeld in het eerste lid, dat de betrokkene een lagere premie verschuldigd is dan die, welke voorlopig van hem is geïnd, dan restitueert het ziekenfonds het verschil.
2. Gedurende de voorlopige inschrijving, als bedoeld in het voorgaande lid, int het ziekenfonds van de betrokkene de premie, bedoeld in artikel 25, vierde lid, van de Ziekenfondswet, tenzij het vermoedt, dat het inkomen van de betrokkene niet meer bedraagt dan het inkomensbedrag, genoemd in artikel 25, vierde lid, der Ziekenfondswet, in welk geval het ziekenfonds de premie, bedoeld in artikel 25, derde lid, van de Ziekenfondswet, int.
Met het inkomensbedrag, genoemd in artikel 25, vierde lid, van de Ziekenfondswet, waarnaar in de vorige volzin wordt verwezen, wordt bedoeld het overeenkomstig artikel 20, tweede lid, van de Ziekenfondswet herziene bedrag, indien laatstgenoemde bepaling toepassing heeft gevonden.
3. Blijkt na ontvangst van het advies, bedoeld in het eerste lid, dat de betrokkene een lagere premie verschuldigd is dan die, welke voorlopig van hem is geïnd, dan restitueert het ziekenfonds het verschil.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002529
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl