BWBR0002564
Geldig vanaf 25-03-1967
Artikel 94
Mijnreglement continentaal plat
1. Onze Minister kan in het belang van het voorkomen van het optreden van ontploffingsgevaar bepalen, dat op een mijnbouwinstallatie of op een deel daarvan aanwezige elektrische machines, transformatoren, schakel- en verdeelinrichtingen, elektrische toestellen of elektrische leidingen en bijbehoren van deze leidingen, in verband met de indeling krachtens artikel 93 van die mijnbouwinstallatie of dat deel daarvan in een bepaalde gevarenklasse, moeten zijn voorzien van een geldig, in overeenstemming met hem vastgesteld, merkteken ten bewijze van de afgifte van een certificaat van goedkeuring.
2. Het certificaat van goedkeuring moet zijn afgegeven door een daartoe door Onze Minister aangewezen instelling of onderneming. Het certificaat moet inhouden, dat het betrokken materieel, blijkens een door de afgever verrichte keuring, ten tijde van de afgifte voldeed aan het bij en krachtens artikel 92 bepaalde.
3. Bij een aanwijzing krachtens het tweede lid kunnen voorwaarden worden gesteld; zij kan te allen tijde worden ingetrokken of gewijzigd.
4. Onze Minister kan merktekens en certificaten, die in het buitenland op elektrisch materieel zijn aangebracht, onderscheidenlijk daarvoor zijn afgegeven, met de krachtens het eerste lid vastgestelde merktekens en de krachtens het tweede lid afgegeven certificaten gelijkstellen.
5. In door Onze Minister aangewezen gevallen kan worden volstaan met keuring van een of meer het type materieel kenmerkende monsters. Ten aanzien van het monster is alsdan het tweede lid van overeenkomstige toepassing. Het krachtens het eerste lid vastgestelde merkteken mag op elektrisch materieel, dat geheel overeenkomstig het monster, waarvoor een certificaat is afgegeven, is vervaardigd, zonder nadere keuring worden aangebracht.
6. Onze Minister kan ter bevordering van een goede uitvoering van de voorgaande leden nadere regelen stellen.
2. Het certificaat van goedkeuring moet zijn afgegeven door een daartoe door Onze Minister aangewezen instelling of onderneming. Het certificaat moet inhouden, dat het betrokken materieel, blijkens een door de afgever verrichte keuring, ten tijde van de afgifte voldeed aan het bij en krachtens artikel 92 bepaalde.
3. Bij een aanwijzing krachtens het tweede lid kunnen voorwaarden worden gesteld; zij kan te allen tijde worden ingetrokken of gewijzigd.
4. Onze Minister kan merktekens en certificaten, die in het buitenland op elektrisch materieel zijn aangebracht, onderscheidenlijk daarvoor zijn afgegeven, met de krachtens het eerste lid vastgestelde merktekens en de krachtens het tweede lid afgegeven certificaten gelijkstellen.
5. In door Onze Minister aangewezen gevallen kan worden volstaan met keuring van een of meer het type materieel kenmerkende monsters. Ten aanzien van het monster is alsdan het tweede lid van overeenkomstige toepassing. Het krachtens het eerste lid vastgestelde merkteken mag op elektrisch materieel, dat geheel overeenkomstig het monster, waarvoor een certificaat is afgegeven, is vervaardigd, zonder nadere keuring worden aangebracht.
6. Onze Minister kan ter bevordering van een goede uitvoering van de voorgaande leden nadere regelen stellen.
- Citeren als
- Art. 94
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002564
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl