BWBR0002962
Geldig vanaf 01-08-2006
Artikel 3
Verordening op het examengeld
1. Voor het afleggen van een tentamen in één der vakken, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van het Examenbesluit Registeraccountants 1994 onder de benaming welke daaraan door het Examenbureau is gegeven, is een examengeld verschuldigd dat als volgt is samengesteld:
indien het tentamen schriftelijk wordt afgenomen per dagdeel (maximaal 4 uur) € 163, doch bij een duur van 2 uur of minder € 112;
indien het tentamen mondeling wordt afgenomen per onderdeel € 284, doch bij een duur van 30 minuten of minder € 144.
2. Voor de participatieverplichting in het vak externe verslaggeving en de werkstukkenverplichting in de vakken administratieve organisatie en leer van de accountantscontrole is een examengeld verschuldigd van € 163.
3. Indien een tentamen als bedoeld in het eerste lid op verzoek van de kandidaat schriftelijk wordt afgenomen in het buitenland op een Nederlandse ambassade of consulaat wordt het verschuldigde examengeld verhoogd met een bedrag van € 112.
indien het tentamen schriftelijk wordt afgenomen per dagdeel (maximaal 4 uur) € 163, doch bij een duur van 2 uur of minder € 112;
indien het tentamen mondeling wordt afgenomen per onderdeel € 284, doch bij een duur van 30 minuten of minder € 144.
2. Voor de participatieverplichting in het vak externe verslaggeving en de werkstukkenverplichting in de vakken administratieve organisatie en leer van de accountantscontrole is een examengeld verschuldigd van € 163.
3. Indien een tentamen als bedoeld in het eerste lid op verzoek van de kandidaat schriftelijk wordt afgenomen in het buitenland op een Nederlandse ambassade of consulaat wordt het verschuldigde examengeld verhoogd met een bedrag van € 112.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002962
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl