BWBR0006147
Geldig vanaf 2012-01-01
Artikel 8
Tracéwet
Dit hoofdstuk is, tenzij toepassing is gegeven aan artikel 4, tweede lid, van toepassing op:
a. de aanleg van een hoofdweg, landelijke spoorweg of hoofdvaarweg;
b. een wijziging van een hoofdweg, die bestaat uit: 1°. de ombouw van een weg tot autosnelweg; of
2°. de uitbreiding van een weg met één of meer rijstroken, indien het uit te breiden weggedeelte twee knooppunten of aansluitingen met elkaar verbindt;
1°. de ombouw van een weg tot autosnelweg; of
2°. de uitbreiding van een weg met één of meer rijstroken, indien het uit te breiden weggedeelte twee knooppunten of aansluitingen met elkaar verbindt;
c. een wijziging van een landelijke spoorweg waarmee Onze Minister de bruikbaarheid van die spoorweg beoogt te verbeteren, en die bestaat uit: 1°. een uitbreiding van die spoorweg met één of meer sporen, indien het uit te breiden spoorweggedeelte twee aansluitingen met elkaar verbindt;
2°. de aanleg van spoorwegbouwkundige bouwwerken;
3°. de aanleg van een verbindingsboog; of
4°. een geheel van onderling samenhangende maatregelen ten aanzien van die spoorweg;
1°. een uitbreiding van die spoorweg met één of meer sporen, indien het uit te breiden spoorweggedeelte twee aansluitingen met elkaar verbindt;
2°. de aanleg van spoorwegbouwkundige bouwwerken;
3°. de aanleg van een verbindingsboog; of
4°. een geheel van onderling samenhangende maatregelen ten aanzien van die spoorweg;
d. het opnieuw in gebruik nemen van een reeds aangelegde landelijke spoorweg voor zover het gaat om een lengte van vijf kilometer of meer;
e. een wijziging van de hoofdvaarweg, die bestaat uit een vergroting of verdieping waardoor het ruimteoppervlak van de hoofdvaarweg met ten minste twintig procent toeneemt dan wel de hoofdvaarweg blijvend wordt verdiept waarbij meer dan vijf miljoen kubieke meter grond wordt verzet.
a. de aanleg van een hoofdweg, landelijke spoorweg of hoofdvaarweg;
b. een wijziging van een hoofdweg, die bestaat uit: 1°. de ombouw van een weg tot autosnelweg; of
2°. de uitbreiding van een weg met één of meer rijstroken, indien het uit te breiden weggedeelte twee knooppunten of aansluitingen met elkaar verbindt;
1°. de ombouw van een weg tot autosnelweg; of
2°. de uitbreiding van een weg met één of meer rijstroken, indien het uit te breiden weggedeelte twee knooppunten of aansluitingen met elkaar verbindt;
c. een wijziging van een landelijke spoorweg waarmee Onze Minister de bruikbaarheid van die spoorweg beoogt te verbeteren, en die bestaat uit: 1°. een uitbreiding van die spoorweg met één of meer sporen, indien het uit te breiden spoorweggedeelte twee aansluitingen met elkaar verbindt;
2°. de aanleg van spoorwegbouwkundige bouwwerken;
3°. de aanleg van een verbindingsboog; of
4°. een geheel van onderling samenhangende maatregelen ten aanzien van die spoorweg;
1°. een uitbreiding van die spoorweg met één of meer sporen, indien het uit te breiden spoorweggedeelte twee aansluitingen met elkaar verbindt;
2°. de aanleg van spoorwegbouwkundige bouwwerken;
3°. de aanleg van een verbindingsboog; of
4°. een geheel van onderling samenhangende maatregelen ten aanzien van die spoorweg;
d. het opnieuw in gebruik nemen van een reeds aangelegde landelijke spoorweg voor zover het gaat om een lengte van vijf kilometer of meer;
e. een wijziging van de hoofdvaarweg, die bestaat uit een vergroting of verdieping waardoor het ruimteoppervlak van de hoofdvaarweg met ten minste twintig procent toeneemt dan wel de hoofdvaarweg blijvend wordt verdiept waarbij meer dan vijf miljoen kubieke meter grond wordt verzet.