BWBR0006942
Geldig vanaf 1997-12-24
Artikel 3
LSOP-wet
1. Het LSOP heeft tot taak:
a. de landelijke werving, de selectie en de verzorging van de basisopleidingen, die door Onze Ministers worden aangewezen, en de verzorging van de door Onze Ministers aan te wijzen vervolgopleidingen van ambtenaren van politie of andere door Onze Ministers aan te wijzen categorieën van personen; en
b. de selectie of de verzorging van andere dan de onder a bedoelde opleidingen van een door Onze Minister van Justitie of Onze Minister van Binnenlandse Zaken aan te wijzen categorie van personen.
2. Het LSOP kan andere dan de in het eerste lid bedoelde opleidingen verzorgen.
3. Onze Minister van Justitie of Onze Minister van Binnenlandse Zaken maakt van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, onder b, geen gebruik dan na overleg met Onze andere Minister en na het horen van de bestuursraad.
4. Het LSOP beheert het selectiecentrum en de instellingen voor de door Onze Ministers aangewezen opleidingen.
5. Het LSOP maakt bij de uitoefening van zijn taak zoveel mogelijk gebruik van de instellingen, bedoeld in het vierde lid. Het coördineert de werkzaamheden van deze instellingen.
a. de landelijke werving, de selectie en de verzorging van de basisopleidingen, die door Onze Ministers worden aangewezen, en de verzorging van de door Onze Ministers aan te wijzen vervolgopleidingen van ambtenaren van politie of andere door Onze Ministers aan te wijzen categorieën van personen; en
b. de selectie of de verzorging van andere dan de onder a bedoelde opleidingen van een door Onze Minister van Justitie of Onze Minister van Binnenlandse Zaken aan te wijzen categorie van personen.
2. Het LSOP kan andere dan de in het eerste lid bedoelde opleidingen verzorgen.
3. Onze Minister van Justitie of Onze Minister van Binnenlandse Zaken maakt van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, onder b, geen gebruik dan na overleg met Onze andere Minister en na het horen van de bestuursraad.
4. Het LSOP beheert het selectiecentrum en de instellingen voor de door Onze Ministers aangewezen opleidingen.
5. Het LSOP maakt bij de uitoefening van zijn taak zoveel mogelijk gebruik van de instellingen, bedoeld in het vierde lid. Het coördineert de werkzaamheden van deze instellingen.