BWBR0007428
Geldig vanaf 06-06-1995
Artikel 54
Reglement van Orde van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
1. Nadat hij daaromtrent advies heeft ingewonnen bij de vaste commissie(s) die krachtens artikel 34, eerste lid voor een bepaald ministerie is of zijn ingesteld, kan de Voorzitter de Kamer voorstellen het hoofdstuk van de rijksbegroting van een bepaald dienstjaar voor bedoeld ministerie zonder schriftelijke voorbereiding en zonder openbare beraadslaging te behandelen.
2. De Kamer beslist daarover steeds onder voorbehoud dat zij de vrijheid behoudt om op een later tijdstip alsnog te beraadslagen over met deze begrotingshoofdstukken samenhangende onderwerpen.
3. De Voorzitter vergewist zich, voordat hij een begrotingshoofdstuk in stemming brengt, van de bereidheid van de minister(s) om aan de in het tweede lid bedoelde beraadslaging deel te nemen.
2. De Kamer beslist daarover steeds onder voorbehoud dat zij de vrijheid behoudt om op een later tijdstip alsnog te beraadslagen over met deze begrotingshoofdstukken samenhangende onderwerpen.
3. De Voorzitter vergewist zich, voordat hij een begrotingshoofdstuk in stemming brengt, van de bereidheid van de minister(s) om aan de in het tweede lid bedoelde beraadslaging deel te nemen.
- Citeren als
- Art. 54
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0007428
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl