BWBR0007687
Geldig vanaf 2001-04-11
Artikel 8.1:1
Arbeidstijdenbesluit
1. In afwijking van artikel 5:8, achtste en negende lid, van de wetorganiseert de werkgever de arbeid zodanig, dat de werknemer in elke periode van 4 aaneengesloten weken ten hoogste 20 malen arbeid verricht in een nachtdienst die eindigt na 02.00 uur, indien:
a. die werknemer direct voorafgaand aan het tijdstip van de inwerkingtreding van de wet en de daarop berustende bepalingen een aantal jaren aaneengesloten volgens een arbeidstijdpatroon dat daarmee gelijkenis vertoont arbeid heeft verricht;
b. het in onderdeel a bedoelde arbeidstijdpatroon niet in strijd is geweest met de voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet op die arbeid van toepassing zijnde wet- en regelgeving terzake van arbeids- en rusttijden;
c. dit door het op een andere wijze organiseren van de arbeid redelijkerwijs niet is te voorkomen.
2. Zolang het eerste lid van toepassing is, bewaart de werkgever de gegevens en bescheiden die betrekking hebben op dat artikellid, onderdeel a.
a. die werknemer direct voorafgaand aan het tijdstip van de inwerkingtreding van de wet en de daarop berustende bepalingen een aantal jaren aaneengesloten volgens een arbeidstijdpatroon dat daarmee gelijkenis vertoont arbeid heeft verricht;
b. het in onderdeel a bedoelde arbeidstijdpatroon niet in strijd is geweest met de voor het tijdstip van inwerkingtreding van de wet op die arbeid van toepassing zijnde wet- en regelgeving terzake van arbeids- en rusttijden;
c. dit door het op een andere wijze organiseren van de arbeid redelijkerwijs niet is te voorkomen.
2. Zolang het eerste lid van toepassing is, bewaart de werkgever de gegevens en bescheiden die betrekking hebben op dat artikellid, onderdeel a.