BWBR0008212
Geldig vanaf 2003-07-03
Artikel 23
Warenwetbesluit liften
1. Als aangewezen instelling of aangewezen aangemelde instelling kan worden aangewezen de instelling die:
a. rechtspersoonlijkheid heeft;
b. onafhankelijk is;
c. beschikt over de deskundigheid en outillage die nodig zijn om de uitvoering van de taken waarvoor zij aangewezen wil worden, naar behoren te kunnen vervullen;
d. beschikt over een registratiesysteem waarin de gegevens die samenhangen met en betrekking hebben op de uitvoering van de taken waarvoor zij aangewezen wil worden, naar behoren vastgelegd kunnen worden. Aan de hand van deze gegevens zijn de gekeurde liften, bouwliften voor personenvervoer en transportsteigers, alsmede de onderzochte kwaliteitssystemen afdoende te identificeren;
e. verzekerd is tegen wettelijke aansprakelijkheid voor de risico's die voortvloeien uit de uitoefening van de taken waarvoor zij aangewezen wil worden;
f. een overeenkomst heeft gesloten met de in voorkomend geval aanwezige beheerstichting die de krachtens dit besluit geregelde certificatieschema’s beheert; en
g. naar behoren functioneert.
2. In aanvulling op het eerste lid komt voor aanwijzing als aangewezen aangemelde instelling slechts in aanmerking de instelling die ten minste voldoet aan de in bijlage VII bij de richtlijn neergelegde voorwaarden.
3. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid.
a. rechtspersoonlijkheid heeft;
b. onafhankelijk is;
c. beschikt over de deskundigheid en outillage die nodig zijn om de uitvoering van de taken waarvoor zij aangewezen wil worden, naar behoren te kunnen vervullen;
d. beschikt over een registratiesysteem waarin de gegevens die samenhangen met en betrekking hebben op de uitvoering van de taken waarvoor zij aangewezen wil worden, naar behoren vastgelegd kunnen worden. Aan de hand van deze gegevens zijn de gekeurde liften, bouwliften voor personenvervoer en transportsteigers, alsmede de onderzochte kwaliteitssystemen afdoende te identificeren;
e. verzekerd is tegen wettelijke aansprakelijkheid voor de risico's die voortvloeien uit de uitoefening van de taken waarvoor zij aangewezen wil worden;
f. een overeenkomst heeft gesloten met de in voorkomend geval aanwezige beheerstichting die de krachtens dit besluit geregelde certificatieschema’s beheert; en
g. naar behoren functioneert.
2. In aanvulling op het eerste lid komt voor aanwijzing als aangewezen aangemelde instelling slechts in aanmerking de instelling die ten minste voldoet aan de in bijlage VII bij de richtlijn neergelegde voorwaarden.
3. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid.