BWBR0008223
Geldig vanaf 2003-07-03
Artikel 10a
Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen
1. Nadat een keuring als bedoeld in artikel 8heeft plaatsgevonden wordt voor een attractie- of speeltoestel een certificaat van goedkeuring afgegeven, indien het naar het oordeel van de aangewezen instelling voldoet aan de in de artikelen 4 tot en met 6gegeven voorschriften.
2. Bij toepassing van artikel 8, tweede lid, wordt ieder attractie- of speeltoestel dat overeenkomstig het goedgekeurde, het type kenmerkende monster is vervaardigd zonder nadere keuring van een merk van goedkeuring voorzien.
3. Attractietoestellen die niet overeenkomstig een goedgekeurd, het type kenmerkend monster zijn vervaardigd en waarvoor een certificaat van goedkeuring is afgegeven, worden door de aangewezen instelling tevens voorzien van een merk van goedkeuring.
4. Attractietoestellen worden door de aangewezen instelling volgens bij ministeriële regeling te stellen regels van een uniek nummer voorzien voor zover artikel 6, tweede lid, niet van toepassing is.
5. Bij ministeriële regeling worden met betrekking tot de inhoud, vorm en geldigheidsduur van certificaten en merken van goedkeuring nadere regels gesteld.
2. Bij toepassing van artikel 8, tweede lid, wordt ieder attractie- of speeltoestel dat overeenkomstig het goedgekeurde, het type kenmerkende monster is vervaardigd zonder nadere keuring van een merk van goedkeuring voorzien.
3. Attractietoestellen die niet overeenkomstig een goedgekeurd, het type kenmerkend monster zijn vervaardigd en waarvoor een certificaat van goedkeuring is afgegeven, worden door de aangewezen instelling tevens voorzien van een merk van goedkeuring.
4. Attractietoestellen worden door de aangewezen instelling volgens bij ministeriële regeling te stellen regels van een uniek nummer voorzien voor zover artikel 6, tweede lid, niet van toepassing is.
5. Bij ministeriële regeling worden met betrekking tot de inhoud, vorm en geldigheidsduur van certificaten en merken van goedkeuring nadere regels gesteld.