BWBR0008731
Geldig vanaf 01-04-1998
Artikel 3
Besluit Naturalisatiegelden 1997
1. Geen betaling is verschuldigd, indien het betreft het verzoek tot naturalisatie
a. van een minderjarige, mits het verzoek deel uitmaakt van het verzoek tot naturalisatie van zijn vader of moeder,
b. van een persoon die ingevolge de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld.
2. Onze Minister kan gehele ontheffing verlenen van betaling van het verschuldigde bedrag, indien het betreft het verzoek tot naturalisatie
a. van een minderjarige die zelfstandig een verzoek indient;
b. van een persoon die ingevolge een administratieve vergissing reeds meer dan een jaar als Nederlander is aangemerkt;
c. van een persoon die op grond van het staatsbelang of van zijn verdiensten voor de staat genaturaliseerd wordt.
3. Geen ontheffing wordt toegestaan indien de in het tweede lid, onder b, bedoelde vergissing het gevolg is van frauduleus of onzorgvuldig gedrag van de verzoeker.
4. Van de in het tweede lid bedoelde bevoegdheid kan Onze Minister mandaat verlenen aan degene bij wie het verzoek tot naturalisatie moet worden ingediend.
a. van een minderjarige, mits het verzoek deel uitmaakt van het verzoek tot naturalisatie van zijn vader of moeder,
b. van een persoon die ingevolge de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld.
2. Onze Minister kan gehele ontheffing verlenen van betaling van het verschuldigde bedrag, indien het betreft het verzoek tot naturalisatie
a. van een minderjarige die zelfstandig een verzoek indient;
b. van een persoon die ingevolge een administratieve vergissing reeds meer dan een jaar als Nederlander is aangemerkt;
c. van een persoon die op grond van het staatsbelang of van zijn verdiensten voor de staat genaturaliseerd wordt.
3. Geen ontheffing wordt toegestaan indien de in het tweede lid, onder b, bedoelde vergissing het gevolg is van frauduleus of onzorgvuldig gedrag van de verzoeker.
4. Van de in het tweede lid bedoelde bevoegdheid kan Onze Minister mandaat verlenen aan degene bij wie het verzoek tot naturalisatie moet worden ingediend.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0008731
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl