BWBR0009300
Geldig vanaf 01-06-1999
Artikel 4
Verordening op de Boekhoudverordening 1998
Het bepaalde in het voorgaande artikel lijdt uitzondering in het geval dat de advocaat optreedt in een hoedanigheid die het gevolg is van een rechterlijke benoeming. Derdengelden die hij in die hoedanigheid onder zich krijgt is hij verplicht onverwijld over te maken naar een afzonderlijke bankrekening uit de tenaamstelling waarvan die hoedanigheid is af te leiden en op die rekening te laten staan totdat zij aan de rechthebbende zijn overgemaakt, tenzij het een benoeming betreft tot curator in een faillissement en in het betreffende arrondissement een bijzondere door de rechter-commissaris gecontroleerde regeling voor het beheer van faillissementsgelden van kracht is.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0009300
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl