BWBR0009718
Geldig vanaf 01-10-1998
Artikel 15
Keuringsreglement COKZ kaas
1. De tweede deelkeuring van kaas, uitgezonderd boerenkaas geschiedt:
- kort voor of op de dag waarop de gehele voor de desbetreffende kaassoort voor rijping voorgeschreven minimale rijpingsduur als bedoeld in bijlage 2 van de regeling resp. voor de desbetreffende kaas voor rijping genoemde minimale rijpingsduur als bedoeld in het product-dossier, verstrijkt;
- binnen een termijn van drie dagen na afloop van het zoëven bedoelde tijdvak, in geval van aflevering of gereedmaken voor aflevering van kaas.
2. De in het eerste lid bedoelde tweede deelkeuring van kaas omvat:
a. onderzoek op de bij het besluit en de regeling aan de desbetreffende kaassoort resp. op de bij het productdossier aan de desbetreffende kaas gestelde algemene en bijzondere eisen met betrekking tot: - het rijkskaasmerk;
- de vorm;
- het uiterlijk;
- de korst en de op de kaas aangebrachte kaaskorstbehandelingsmiddelen;
- het zuivel, consistentie, kleur en ogenvorming daaronder begrepen:
- de geur en de smaak;
- de verpakking;
- de aanduiding;
- het rijkskaasmerk;
- de vorm;
- het uiterlijk;
- de korst en de op de kaas aangebrachte kaaskorstbehandelingsmiddelen;
- het zuivel, consistentie, kleur en ogenvorming daaronder begrepen:
- de geur en de smaak;
- de verpakking;
- de aanduiding;
b. onderzoek op de bij het productdossier aan de desbetreffende kaas gestelde overige genoemde eisen.
- kort voor of op de dag waarop de gehele voor de desbetreffende kaassoort voor rijping voorgeschreven minimale rijpingsduur als bedoeld in bijlage 2 van de regeling resp. voor de desbetreffende kaas voor rijping genoemde minimale rijpingsduur als bedoeld in het product-dossier, verstrijkt;
- binnen een termijn van drie dagen na afloop van het zoëven bedoelde tijdvak, in geval van aflevering of gereedmaken voor aflevering van kaas.
2. De in het eerste lid bedoelde tweede deelkeuring van kaas omvat:
a. onderzoek op de bij het besluit en de regeling aan de desbetreffende kaassoort resp. op de bij het productdossier aan de desbetreffende kaas gestelde algemene en bijzondere eisen met betrekking tot: - het rijkskaasmerk;
- de vorm;
- het uiterlijk;
- de korst en de op de kaas aangebrachte kaaskorstbehandelingsmiddelen;
- het zuivel, consistentie, kleur en ogenvorming daaronder begrepen:
- de geur en de smaak;
- de verpakking;
- de aanduiding;
- het rijkskaasmerk;
- de vorm;
- het uiterlijk;
- de korst en de op de kaas aangebrachte kaaskorstbehandelingsmiddelen;
- het zuivel, consistentie, kleur en ogenvorming daaronder begrepen:
- de geur en de smaak;
- de verpakking;
- de aanduiding;
b. onderzoek op de bij het productdossier aan de desbetreffende kaas gestelde overige genoemde eisen.
- Citeren als
- Art. 15
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0009718
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl