BWBR0012216
Geldig vanaf 2001-06-22
Artikel 11
Besluit financiële verhouding 2001
1. Onder slechte grond wordt verstaan: een minimaal 5 meter dik aaneengesloten pakket holocene klei- en/of veenlagen dat zich binnen 8 meter onder het maaiveld bevindt. Binnen deze definitie worden onderscheiden:
a. kleigebied: de cumulatieve veendikte bedraagt in dit gebied maximaal 50 cm;
b. klei/veengebied: de cumulatieve veendikte bedraagt tussen de 50 en 400 cm;
c. veengebied: de cumulatieve veendikte bedraagt minimaal 400 cm.
2. Onder goede grond wordt verstaan grond die niet aan de omschrijvingen onder a, b en c in het eerste lid van dit artikel voldoet.
a. kleigebied: de cumulatieve veendikte bedraagt in dit gebied maximaal 50 cm;
b. klei/veengebied: de cumulatieve veendikte bedraagt tussen de 50 en 400 cm;
c. veengebied: de cumulatieve veendikte bedraagt minimaal 400 cm.
2. Onder goede grond wordt verstaan grond die niet aan de omschrijvingen onder a, b en c in het eerste lid van dit artikel voldoet.