BWBR0012830
Geldig vanaf 19-01-2002
Artikel 8
Zuivelverordening 2001, Gewichtsbepaling boerderijmelk bij gebruik rijdende melkontvangsten met mobiel weegsysteem
1. Na de in artikel 7, vierde lid, genoemde periode van setting wordt door de ontvanger van boerderijmelk voorafgaand aan de eerste keuring een fijninregeling uitgevoerd. Hierbij worden de instructies van de leverancier van het weegsysteem gevolgd.
2. Voor de fijninregeling maakt de ontvanger van boerderijmelk gebruik van de diensten van een keuringsinstelling.
3. Voor de eerste keuring maakt de ontvanger van boerderijmelk eveneens gebruik van de diensten van een keuringsinstelling. De eerste keuring wordt uitgevoerd overeenkomstig het bepaalde in de IJkwet. Bij de eerste keuring voldoet de RMO voorzien van een mobiel weegsysteem aan de nieuwnorm. De hierbij te hanteren maximale fouten zijn vastgelegd in EG-IJkbesluit niet automatische weegwerktuigen bijlage 1, tabel 3, en de keuring wordt uitgevoerd conform EN 45501 1992; punt 8.2.
2. Voor de fijninregeling maakt de ontvanger van boerderijmelk gebruik van de diensten van een keuringsinstelling.
3. Voor de eerste keuring maakt de ontvanger van boerderijmelk eveneens gebruik van de diensten van een keuringsinstelling. De eerste keuring wordt uitgevoerd overeenkomstig het bepaalde in de IJkwet. Bij de eerste keuring voldoet de RMO voorzien van een mobiel weegsysteem aan de nieuwnorm. De hierbij te hanteren maximale fouten zijn vastgelegd in EG-IJkbesluit niet automatische weegwerktuigen bijlage 1, tabel 3, en de keuring wordt uitgevoerd conform EN 45501 1992; punt 8.2.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0012830
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl