BWBR0013310
Geldig vanaf 01-01-2010
Artikel 5
Stageverordening 2005
1. De patroon verschaft de stagiaire leiding, voorlichting en raad met betrekking tot de praktijkuitoefening in de ruimste zin des woords. Hij schenkt daarbij bijzondere aandacht aan de introductie van de stagiaire bij en vervolgens aan diens optreden jegens de rechterlijke macht, beroepsgenoten en cliënten.
2. De patroon ziet er op toe dat de stagiaire alle verplichtingen nakomt die door de Algemene Raad en de Raad van Toezicht voor stagiaires zijn vastgesteld, opleidingsmaatregelen met name daaronder begrepen.
3. De patroon stelt de stagiaire die bij hem kantoor houdt, met behoud van diens salaris, in de gelegenheid gedurende kantooruren de in het eerste en tweede lid genoemde verplichtingen na te komen en de daartoe noodzakelijke voorbereiding te treffen.
4. De patroon van de stagiaire die bij hem kantoor houdt, dient de stagiaire passende arbeid te verschaffen. De patroon houdt daarbij rekening met de door de Algemene Raad en de Raad van Toezicht vastgestelde verplichtingen voor stagiaires, als bedoeld in het tweede lid.
5. De patroon schenkt bij zijn begeleiding van de stagiaire, die op de voet van artikel 9b, derde lid, van de wet niet bij hem kantoor houdt, bijzondere aandacht aan de inrichting van diens kantoor inclusief de dienstverlening aan de cliënt en diens administratie, de boekhouding daaronder begrepen.
6. De patroon van de stagiaire die:
a. bij hem kantoor houdt, brengt ten minste één maal per jaar schriftelijk verslag uit aan de Raad van Toezicht omtrent het verloop van de stage.
b. op de voet van artikel 9b, derde lid van de wet niet bij hem kantoor houdt, brengt ten minste één maal per zes maanden verslag uit aan de Raad van Toezicht omtrent het verloop van de stage.
2. De patroon ziet er op toe dat de stagiaire alle verplichtingen nakomt die door de Algemene Raad en de Raad van Toezicht voor stagiaires zijn vastgesteld, opleidingsmaatregelen met name daaronder begrepen.
3. De patroon stelt de stagiaire die bij hem kantoor houdt, met behoud van diens salaris, in de gelegenheid gedurende kantooruren de in het eerste en tweede lid genoemde verplichtingen na te komen en de daartoe noodzakelijke voorbereiding te treffen.
4. De patroon van de stagiaire die bij hem kantoor houdt, dient de stagiaire passende arbeid te verschaffen. De patroon houdt daarbij rekening met de door de Algemene Raad en de Raad van Toezicht vastgestelde verplichtingen voor stagiaires, als bedoeld in het tweede lid.
5. De patroon schenkt bij zijn begeleiding van de stagiaire, die op de voet van artikel 9b, derde lid, van de wet niet bij hem kantoor houdt, bijzondere aandacht aan de inrichting van diens kantoor inclusief de dienstverlening aan de cliënt en diens administratie, de boekhouding daaronder begrepen.
6. De patroon van de stagiaire die:
a. bij hem kantoor houdt, brengt ten minste één maal per jaar schriftelijk verslag uit aan de Raad van Toezicht omtrent het verloop van de stage.
b. op de voet van artikel 9b, derde lid van de wet niet bij hem kantoor houdt, brengt ten minste één maal per zes maanden verslag uit aan de Raad van Toezicht omtrent het verloop van de stage.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0013310
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl