BWBR0013891
Geldig vanaf 2003-09-04
Artikel 6
Comptabiliteitswet 2001
1. Een begroting kan drie niet-beleidsartikelen bevatten, te weten:
a. een begrotingsartikel met de omschrijving Algemeen voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten die niet aan een beleidsartikel worden toegedeeld;
b. een begrotingsartikel met de omschrijving Geheim voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten waarvoor geldt dat openbaarmaking via toedeling aan een beleidsartikel niet in het belang van de staat is;
c. een administratief begrotingsartikel met de omschrijvingNominaal en onvoorzien.
2. De bij het administratieve begrotingsartikel <em>Nominaal en onvoorzien</em>opgenomen bedragen voor verplichtingen en voor uitgaven kunnen zowel positief als negatief zijn.
3. Ten laste van het begrotingsartikel <em>Nominaal en onvoorzien</em>kunnen geen uitgaven worden gedaan en verplichtingen worden aangegaan; de bedragen worden bij een wijziging van de begroting toegedeeld aan een ander begrotingsartikel en wel zodanig dat in het betrokken jaarverslag de gerealiseerde bedragen bij het begrotingsartikel <em>Nominaal en onvoorzien</em>uitkomen op nihil.
4. Vervallen.
5. In afwijking van het eerste lid en in overeenstemming met Onze Minister van Financiën kan een begroting andere niet-beleidsartikelen bevatten.
a. een begrotingsartikel met de omschrijving Algemeen voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten die niet aan een beleidsartikel worden toegedeeld;
b. een begrotingsartikel met de omschrijving Geheim voor de verplichtingen, uitgaven en ontvangsten waarvoor geldt dat openbaarmaking via toedeling aan een beleidsartikel niet in het belang van de staat is;
c. een administratief begrotingsartikel met de omschrijvingNominaal en onvoorzien.
2. De bij het administratieve begrotingsartikel <em>Nominaal en onvoorzien</em>opgenomen bedragen voor verplichtingen en voor uitgaven kunnen zowel positief als negatief zijn.
3. Ten laste van het begrotingsartikel <em>Nominaal en onvoorzien</em>kunnen geen uitgaven worden gedaan en verplichtingen worden aangegaan; de bedragen worden bij een wijziging van de begroting toegedeeld aan een ander begrotingsartikel en wel zodanig dat in het betrokken jaarverslag de gerealiseerde bedragen bij het begrotingsartikel <em>Nominaal en onvoorzien</em>uitkomen op nihil.
4. Vervallen.
5. In afwijking van het eerste lid en in overeenstemming met Onze Minister van Financiën kan een begroting andere niet-beleidsartikelen bevatten.