BWBR0015925
Geldig vanaf 01-01-2004
Artikel 12
Besluit innovatiesubsidie samenwerkingsprojecten
Onze Minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag:
a. indien de aanvraag niet voldoet aan dit besluit en de daarop berustende bepalingen;
b. indien subsidieverlening in strijd zou zijn met bij regeling van Onze Minister vastgestelde regels omtrent een evenwichtige spreiding over grotere en kleinere ondernemingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
c. in geval de aanvraag een project, bestaande uit industrieel onderzoek of preconcurrentiële ontwikkeling, betreft: indien hij het onaannemelijk acht dat het project binnen vier jaren kan worden uitgevoerd, met dien verstande dat hij die periode op verzoek van de subsidie-ontvanger met ten hoogste een jaar kan verlengen;
d. in geval de aanvraag een project, bestaande uit een haalbaarheidsstudie, betreft: indien: 1º. hij in elk geval de technische haalbaarheid van de aspecten, waarop de haalbaarheidsstudie betrekking heeft, onaannemelijk acht;
2º. hij het onaannemelijk acht dat het project binnen een jaar kan worden uitgevoerd;
1º. hij in elk geval de technische haalbaarheid van de aspecten, waarop de haalbaarheidsstudie betrekking heeft, onaannemelijk acht;
2º. hij het onaannemelijk acht dat het project binnen een jaar kan worden uitgevoerd;
e. indien gegronde vrees bestaat dat de betrokkenen het project niet kunnen financieren.
a. indien de aanvraag niet voldoet aan dit besluit en de daarop berustende bepalingen;
b. indien subsidieverlening in strijd zou zijn met bij regeling van Onze Minister vastgestelde regels omtrent een evenwichtige spreiding over grotere en kleinere ondernemingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid;
c. in geval de aanvraag een project, bestaande uit industrieel onderzoek of preconcurrentiële ontwikkeling, betreft: indien hij het onaannemelijk acht dat het project binnen vier jaren kan worden uitgevoerd, met dien verstande dat hij die periode op verzoek van de subsidie-ontvanger met ten hoogste een jaar kan verlengen;
d. in geval de aanvraag een project, bestaande uit een haalbaarheidsstudie, betreft: indien: 1º. hij in elk geval de technische haalbaarheid van de aspecten, waarop de haalbaarheidsstudie betrekking heeft, onaannemelijk acht;
2º. hij het onaannemelijk acht dat het project binnen een jaar kan worden uitgevoerd;
1º. hij in elk geval de technische haalbaarheid van de aspecten, waarop de haalbaarheidsstudie betrekking heeft, onaannemelijk acht;
2º. hij het onaannemelijk acht dat het project binnen een jaar kan worden uitgevoerd;
e. indien gegronde vrees bestaat dat de betrokkenen het project niet kunnen financieren.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0015925
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl