BWBR0016616
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 2
Verordening aanduiding bijzondere slachtpluimvee-houderijsystemen (PPE) 2004
1. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 10, eerste en derde lid van Verordening 1538/91 mag de aanduiding van de houderijsytemen:
a. “Scharrel .....binnengehouden”,
b. “Scharrel .....met uitloop”,
c. “Boerenscharrel ......met uitloop”/“Hoeve .....met uitloop”,
d. “Boerenscharrel ......met vrije uitloop”/“Hoeve .....met vrije uitloop”, èn de overeenkomstige aanduidingen in de andere talen van de Gemeenschap, slechts gebruikt worden, voor zover aan de in onderhavige verordening met betrekking tot kippen en geslachte (delen van) kippen gestelde nadere voorschriften is voldaan.
2. Het is aan ondernemers bij het verhandelen van kippen en geslachte (delen van) kippen verboden op of bij de kippen en geslachte (delen van) kippen, dan wel op of bij de verpakking ervan de in het eerste lid bedoelde benamingen en vermeldingen te gebruiken, tenzij met betrekking tot die kippen en geslachte (delen van) kippen is voldaan aan de in de artikelen 3 tot en met 6 gestelde voorschriften en, in geval van de in het eerste lid, onder b), genoemde benaming bovendien is voldaan aan het bepaalde in artikel 7.
3. Het is aan ondernemers bij het verhandelen van kippen verboden op of bij de kippen en geslachte (delen van) kippen, dan wel op of bij de verpakking ervan een aanduiding te gebruiken of te bezigen die de indruk wekt dat de kippen zijn gehouden onder omstandigheden die het welzijn van de kippen ten goede komen en die afwijkt van de in het eerste lid bedoelde aanduidingen.
a. “Scharrel .....binnengehouden”,
b. “Scharrel .....met uitloop”,
c. “Boerenscharrel ......met uitloop”/“Hoeve .....met uitloop”,
d. “Boerenscharrel ......met vrije uitloop”/“Hoeve .....met vrije uitloop”, èn de overeenkomstige aanduidingen in de andere talen van de Gemeenschap, slechts gebruikt worden, voor zover aan de in onderhavige verordening met betrekking tot kippen en geslachte (delen van) kippen gestelde nadere voorschriften is voldaan.
2. Het is aan ondernemers bij het verhandelen van kippen en geslachte (delen van) kippen verboden op of bij de kippen en geslachte (delen van) kippen, dan wel op of bij de verpakking ervan de in het eerste lid bedoelde benamingen en vermeldingen te gebruiken, tenzij met betrekking tot die kippen en geslachte (delen van) kippen is voldaan aan de in de artikelen 3 tot en met 6 gestelde voorschriften en, in geval van de in het eerste lid, onder b), genoemde benaming bovendien is voldaan aan het bepaalde in artikel 7.
3. Het is aan ondernemers bij het verhandelen van kippen verboden op of bij de kippen en geslachte (delen van) kippen, dan wel op of bij de verpakking ervan een aanduiding te gebruiken of te bezigen die de indruk wekt dat de kippen zijn gehouden onder omstandigheden die het welzijn van de kippen ten goede komen en die afwijkt van de in het eerste lid bedoelde aanduidingen.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0016616
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl