BWBR0022612
Geldig vanaf 2009-08-26
Artikel 11
Besluit gegevens scheepvaart 2007
1. De verwerking van locatiegegevens ten behoeve van de levering van een RIS-dienst, niet zijnde verkeersgegevens, betreffende RIS-gebruikers, is slechts geoorloofd, indien:
a. deze gegevens zijn geanonimiseerd, of
b. de desbetreffende RIS-gebruiker voor de verwerking van deze gegevens toestemming heeft gegeven.
2. Voorafgaand aan het verkrijgen van toestemming als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, verstrekt de bevoegde autoriteit de volgende informatie:
a. de soort locatiegegevens die zullen worden verwerkt;
b. de doeleinden waarvoor de locatiegegevens worden verwerkt;
c. de duur van de verwerking, en
d. of de gegevens aan een derde zullen worden verstrekt ten behoeve van de levering van de betreffende RIS-dienst.
3. De verwerking van de gegevens ten behoeve van de levering van een RIS-dienst als bedoeld in het eerste lid is slechts toegestaan voor zover en voor zolang dat noodzakelijk is voor de levering van de betreffende RIS-dienst.
4. Een RIS-gebruiker kan de verleende toestemming voor de verwerking van de hem betreffende gegevens, op elk moment intrekken.
5. De bevoegde autoriteit biedt de RIS-gebruiker wiens gegevens worden
verwerkt, de mogelijkheid om kosteloos en op eenvoudige wijze de verwerking van diens gegevens tijdelijk te beletten.
6. De verwerking van de gegevens mag slechts plaatsvinden door personen die werkzaam zijn onder het gezag van de bevoegde autoriteit of de derde, bedoeld in het tweede lid, onder d, en is beperkt tot die gegevens die noodzakelijk zijn om de RIS-dienst te kunnen aanbieden.
a. deze gegevens zijn geanonimiseerd, of
b. de desbetreffende RIS-gebruiker voor de verwerking van deze gegevens toestemming heeft gegeven.
2. Voorafgaand aan het verkrijgen van toestemming als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, verstrekt de bevoegde autoriteit de volgende informatie:
a. de soort locatiegegevens die zullen worden verwerkt;
b. de doeleinden waarvoor de locatiegegevens worden verwerkt;
c. de duur van de verwerking, en
d. of de gegevens aan een derde zullen worden verstrekt ten behoeve van de levering van de betreffende RIS-dienst.
3. De verwerking van de gegevens ten behoeve van de levering van een RIS-dienst als bedoeld in het eerste lid is slechts toegestaan voor zover en voor zolang dat noodzakelijk is voor de levering van de betreffende RIS-dienst.
4. Een RIS-gebruiker kan de verleende toestemming voor de verwerking van de hem betreffende gegevens, op elk moment intrekken.
5. De bevoegde autoriteit biedt de RIS-gebruiker wiens gegevens worden
verwerkt, de mogelijkheid om kosteloos en op eenvoudige wijze de verwerking van diens gegevens tijdelijk te beletten.
6. De verwerking van de gegevens mag slechts plaatsvinden door personen die werkzaam zijn onder het gezag van de bevoegde autoriteit of de derde, bedoeld in het tweede lid, onder d, en is beperkt tot die gegevens die noodzakelijk zijn om de RIS-dienst te kunnen aanbieden.