BWBR0028052
Geldig vanaf 18-07-2010
Artikel 3
Verordening hygiënevoorschriften kalkoenhouderij (PPE) 2009
1. De ondernemer die een kalkoenbedrijf uitoefent verwijdert onverwijld nadat hij de kalkoenen uit de stal heeft afgevoerd de mest en het strooisel die in deze stal aanwezig zijn, en reinigt en ontsmet vervolgens de stal.
2. De ondernemer die een vleeskalkoenbedrijf uitoefent laat nadat hij de stal heeft gereinigd en ontsmet als bedoeld in het eerste lid, één maal per kalenderjaar voorafgaand aan het plaatsen van een nieuw koppel een hygiënogram uitvoeren door een HOSOWO-instantie in de stallen waar eendagskuikens worden geplaatst.
3. De ondernemer die een fokbedrijf, opfokbedrijf of vermeerderingsbedrijf uitoefent laat nadat hij de stal heeft gereinigd en ontsmet, als bedoeld in het eerste lid, één maal per kalenderjaar voorafgaand aan het plaatsen van een nieuw koppel een hygiënogram uitvoeren door een HOSOWO-instantie.
4. De ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent reinigt en ontsmet onverwijld na iedere aflevering van de eendagskuikens, de gebruikte lokalen.
5. De ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent laat zes keer per kalenderjaar een hygiëneonderzoek uitvoeren door GD.
6. De ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent kan een deel van het in het vijfde lid bedoelde hygiëneonderzoek zelf uitvoeren.
7. Het bestuur stelt bij besluit nadere regels vast ten aanzien van het in het tweede en derde lid bedoelde hygiënogram en het in het vierde en vijfde lid bedoelde hygiëneonderzoek. De ondernemer bewaart de uitslag van het hygiënogram en het hygiëneonderzoek gedurende ten minste twee jaren.
2. De ondernemer die een vleeskalkoenbedrijf uitoefent laat nadat hij de stal heeft gereinigd en ontsmet als bedoeld in het eerste lid, één maal per kalenderjaar voorafgaand aan het plaatsen van een nieuw koppel een hygiënogram uitvoeren door een HOSOWO-instantie in de stallen waar eendagskuikens worden geplaatst.
3. De ondernemer die een fokbedrijf, opfokbedrijf of vermeerderingsbedrijf uitoefent laat nadat hij de stal heeft gereinigd en ontsmet, als bedoeld in het eerste lid, één maal per kalenderjaar voorafgaand aan het plaatsen van een nieuw koppel een hygiënogram uitvoeren door een HOSOWO-instantie.
4. De ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent reinigt en ontsmet onverwijld na iedere aflevering van de eendagskuikens, de gebruikte lokalen.
5. De ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent laat zes keer per kalenderjaar een hygiëneonderzoek uitvoeren door GD.
6. De ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent kan een deel van het in het vijfde lid bedoelde hygiëneonderzoek zelf uitvoeren.
7. Het bestuur stelt bij besluit nadere regels vast ten aanzien van het in het tweede en derde lid bedoelde hygiënogram en het in het vierde en vijfde lid bedoelde hygiëneonderzoek. De ondernemer bewaart de uitslag van het hygiënogram en het hygiëneonderzoek gedurende ten minste twee jaren.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028052
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl