BWBR0028079
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 47
Rijkswet politie van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
1. Onze Minister van Justitie van Curaçao oefent wat het beheer betreft, het bevoegde gezag uit over het politiekorps van Curaçao en kan terzake de nodige aanwijzingen geven aan de korpschef van dit politiekorps.
2. Onze Minister van Justitie van Sint Maarten oefent wat het beheer betreft, het bevoegde gezag uit over het politiekorps van Sint Maarten en kan terzake de nodige aanwijzingen geven aan de korpschef van dit politiekorps.
3. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties oefent wat het beheer betreft, het bevoegde gezag uit over het politiekorps van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en kan terzake de nodige aanwijzingen geven aan de korpschef van dit politiekorps.
2. Onze Minister van Justitie van Sint Maarten oefent wat het beheer betreft, het bevoegde gezag uit over het politiekorps van Sint Maarten en kan terzake de nodige aanwijzingen geven aan de korpschef van dit politiekorps.
3. Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties oefent wat het beheer betreft, het bevoegde gezag uit over het politiekorps van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en kan terzake de nodige aanwijzingen geven aan de korpschef van dit politiekorps.
- Citeren als
- Art. 47
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028079
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl