BWBR0028364
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 12
Wet zeggenschap in ter beurze genoteerde vennootschappen BES
1. Indien aandelen op naam worden overgedragen en het bestuur van de vennootschap weet of vermoedt dat:
a. hetzij de overdracht ingevolge het tweede hoofdstuk vermeld moet worden, en zodanige melding niet is gedaan;
b. hetzij de overdracht in strijd is met een verbod krachtens deze wet om stemgerechtigde aandelen te verkrijgen;
c. hetzij de overdracht het gevolg is van het aanvaarden van een openbaar bod dat gedaan is in strijd met de regels van het derde hoofdstuk;
is de vennootschap bevoegd de overdracht niet te erkennen danwel, indien de overdracht aan de vennootschap wordt betekend, de overdracht nietig te verklaren door aangetekend schrijven per luchtpost verzonden aan zowel de voorgenomen verkrijger als de voorgenomen vervreemder.
2. Indien niet-erkennen van een overdracht het gevolg is van een vermoeden, dan wordt de overdracht erkend na verloop van twee weken, tenzij in de tussentijd het vermoeden is omgezet in bewijs of in een redelijk gegrond vermoeden.
3. De overdracht wordt onmiddellijk erkend wanneer de reden voor het niet erkennen van de overdracht niet meer bestaat.
a. hetzij de overdracht ingevolge het tweede hoofdstuk vermeld moet worden, en zodanige melding niet is gedaan;
b. hetzij de overdracht in strijd is met een verbod krachtens deze wet om stemgerechtigde aandelen te verkrijgen;
c. hetzij de overdracht het gevolg is van het aanvaarden van een openbaar bod dat gedaan is in strijd met de regels van het derde hoofdstuk;
is de vennootschap bevoegd de overdracht niet te erkennen danwel, indien de overdracht aan de vennootschap wordt betekend, de overdracht nietig te verklaren door aangetekend schrijven per luchtpost verzonden aan zowel de voorgenomen verkrijger als de voorgenomen vervreemder.
2. Indien niet-erkennen van een overdracht het gevolg is van een vermoeden, dan wordt de overdracht erkend na verloop van twee weken, tenzij in de tussentijd het vermoeden is omgezet in bewijs of in een redelijk gegrond vermoeden.
3. De overdracht wordt onmiddellijk erkend wanneer de reden voor het niet erkennen van de overdracht niet meer bestaat.
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028364
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl