BWBR0028377
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 3
Arbeidsbesluit jeugdigen BES
1. Een jeugdige mag geen arbeid verrichten bestaande uit:
a. werkzaamheden, waarbij gevaar bestaat voor aanraking met reinculturen van pathogene micro-organismen, besmette sputa of andere excreta;
b. het verplegen of verzorgen van patiënten die aan een ernstige infectieziekte lijden.
2. Een jeugdige mag geen arbeid verrichten bestaande uit:
a. het omgaan met besmette voorwerpen of dieren, waarbij gemakkelijk een onjuiste handeling kan worden verricht, waardoor kennelijk of naar het oordeel van Onze Minister het gevaar van een ernstige infectieuze aandoening ontstaat;
b. het vervoeren, bewerken, verwerken, begraven, onschadelijk maken of vernietigen van dode dieren, afvalstoffen van dierlijke herkomst en bedorven vlees, vleeswaren of vis.
a. werkzaamheden, waarbij gevaar bestaat voor aanraking met reinculturen van pathogene micro-organismen, besmette sputa of andere excreta;
b. het verplegen of verzorgen van patiënten die aan een ernstige infectieziekte lijden.
2. Een jeugdige mag geen arbeid verrichten bestaande uit:
a. het omgaan met besmette voorwerpen of dieren, waarbij gemakkelijk een onjuiste handeling kan worden verricht, waardoor kennelijk of naar het oordeel van Onze Minister het gevaar van een ernstige infectieuze aandoening ontstaat;
b. het vervoeren, bewerken, verwerken, begraven, onschadelijk maken of vernietigen van dode dieren, afvalstoffen van dierlijke herkomst en bedorven vlees, vleeswaren of vis.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028377
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl