BWBR0028565
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 8
Rijksbesluit rechtspositie leden openbare ministeries van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
1. Een plaatsvervangend officier van justitie wordt niet aangesteld voor het vervullen van een volledige of gedeeltelijke functie.
2. Een plaatsvervangend officier van justitie kan voor het verrichten van werkzaamheden worden opgeroepen door de procureur-generaal, de advocaat-generaal, het hoofd van het kantoor van de procureur-generaal in Sint Maarten en de hoofdofficier van justitie.
3. In de bij deze algemene maatregel van rijksbestuur behorende bijlage is de hoogte van de vergoeding vermeld die een plaatsvervangend officier van justitie ontvangt.
4. Onze Ministers passen de vergoeding van een plaatsvervangend officier van justitie jaarlijks aan op basis van het gemiddelde van de ontwikkeling van de salarissen van de ambtenaren van de landen in het voorafgaande kalenderjaar.
2. Een plaatsvervangend officier van justitie kan voor het verrichten van werkzaamheden worden opgeroepen door de procureur-generaal, de advocaat-generaal, het hoofd van het kantoor van de procureur-generaal in Sint Maarten en de hoofdofficier van justitie.
3. In de bij deze algemene maatregel van rijksbestuur behorende bijlage is de hoogte van de vergoeding vermeld die een plaatsvervangend officier van justitie ontvangt.
4. Onze Ministers passen de vergoeding van een plaatsvervangend officier van justitie jaarlijks aan op basis van het gemiddelde van de ontwikkeling van de salarissen van de ambtenaren van de landen in het voorafgaande kalenderjaar.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028565
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl