BWBR0031788
Geldig vanaf 2017-01-01
Artikel 58
Politiewet 2012
1. In bijzondere gevallen kunnen andere onderdelen van de krijgsmacht bijstand verlenen aan de politie. Daarbij kunnen door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, nadere regels of beleidsregels worden gegeven over de uitoefening van bevoegdheden krachtens deze wet.
2. Behoeft de politie bijstand van andere onderdelen van de krijgsmacht, dan richt het gezag, bedoeld in artikel 11, eerste lid, of artikel 12, eerste lid, een verzoek daartoe aan Onze Minister.
3. Onze Minister bepaalt, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, of en op welke wijze bijstand wordt verleend en stelt het gezag hiervan in kennis.
4. Behoeft de politie bijstand van andere onderdelen van de krijgsmacht voor een onderdeel van de politietaak dat op grond van de wet rechtstreeks onder verantwoordelijkheid van Onze Minister wordt uitgevoerd, dan bepaalt Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, of en op welke wijze bijstand wordt verleend.
2. Behoeft de politie bijstand van andere onderdelen van de krijgsmacht, dan richt het gezag, bedoeld in artikel 11, eerste lid, of artikel 12, eerste lid, een verzoek daartoe aan Onze Minister.
3. Onze Minister bepaalt, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, of en op welke wijze bijstand wordt verleend en stelt het gezag hiervan in kennis.
4. Behoeft de politie bijstand van andere onderdelen van de krijgsmacht voor een onderdeel van de politietaak dat op grond van de wet rechtstreeks onder verantwoordelijkheid van Onze Minister wordt uitgevoerd, dan bepaalt Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, of en op welke wijze bijstand wordt verleend.