BWBR0031898
Geldig vanaf 14-08-2012
Artikel 1.5
Deelregeling Cultuureducatie met Kwaliteit in het primair onderwijs Fonds voor Cultuurparticipatie 2013–2016
1. Subsidie wordt in ieder geval geweigerd, indien voor de activiteiten waarvoor op grond van deze regeling subsidie wordt aangevraagd, aan de centrale aanvrager of een betrokken culturele instelling uit dezelfde gemeente of provincie vierjaarlijkse instellingssubsidie is verleend op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid, zoals die luidt na inwerkingtreding van de Subsidieregeling culturele basisinfrastructuur 2013–2016. Wel kunnen activiteiten van een instelling die voornoemde subsidie ontvangt in het plan worden opgevoerd voor zover deze activiteiten aanvullend zijn op de activiteiten die zijn opgenomen in de aanvraag onder de Regeling op het specifiek cultuurbeleid, zoals die luidt na inwerkingtreding van de Subsidieregeling culturele basisinfrastructuur 2013–2016.
2. Het bestuur kan subsidie weigeren:
a) als door de betreffende gemeente of provincie geen intentieverklaring is afgegeven aan het Ministerie van OCW voor deelname aan deze regeling;
b) als de aanvraag niet vergezeld gaat van een correcte adhesieverklaring als bedoeld in artikel 2.3;
c) als de aanvraag onvoldoende concreet is met betrekking tot de uit te voeren activiteiten;
d) als de centrale aanvrager in de voorgaande twee jaar niet heeft voldaan aan één of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen, waaronder in elk geval ook vallen het juist en tijdig afronden van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante veranderingen in de uitvoering en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten;
e) als de centrale aanvrager niet voldoet aan de voor de betreffende instelling gebruikelijke normen met betrekking tot good governance op het terrein van goed bestuur, adequaat toezicht en transparante verantwoording;
f) als meer dan 10% van de begrote activiteitslasten blijkens de aanvraag bestemd is voor activiteiten die plaatsvinden binnen of gericht zijn op het voortgezet onderwijs dan wel voor buitenschoolse activiteiten;
g) als meer dan 7% van de begrote totale lasten van de activiteit blijkens de aanvraag bestemd is voor coördinerende administratief-technische werkzaamheden;
h) als er in de aanvraag een beargumenteerde relatie met het doel van de Regeling prestatiebox primair onderwijs ontbreekt of als deze niet aannemelijk is;
i) als de aanvraag geen uitsluitsel biedt over de mate waarin scholen inhoudelijk en financieel betrokken zijn doordat een belangstellingsregistratie van scholen ontbreekt en in het plan de financiële inzet van de scholen evenmin wordt toegelicht.
2. Het bestuur kan subsidie weigeren:
a) als door de betreffende gemeente of provincie geen intentieverklaring is afgegeven aan het Ministerie van OCW voor deelname aan deze regeling;
b) als de aanvraag niet vergezeld gaat van een correcte adhesieverklaring als bedoeld in artikel 2.3;
c) als de aanvraag onvoldoende concreet is met betrekking tot de uit te voeren activiteiten;
d) als de centrale aanvrager in de voorgaande twee jaar niet heeft voldaan aan één of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen, waaronder in elk geval ook vallen het juist en tijdig afronden van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante veranderingen in de uitvoering en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten;
e) als de centrale aanvrager niet voldoet aan de voor de betreffende instelling gebruikelijke normen met betrekking tot good governance op het terrein van goed bestuur, adequaat toezicht en transparante verantwoording;
f) als meer dan 10% van de begrote activiteitslasten blijkens de aanvraag bestemd is voor activiteiten die plaatsvinden binnen of gericht zijn op het voortgezet onderwijs dan wel voor buitenschoolse activiteiten;
g) als meer dan 7% van de begrote totale lasten van de activiteit blijkens de aanvraag bestemd is voor coördinerende administratief-technische werkzaamheden;
h) als er in de aanvraag een beargumenteerde relatie met het doel van de Regeling prestatiebox primair onderwijs ontbreekt of als deze niet aannemelijk is;
i) als de aanvraag geen uitsluitsel biedt over de mate waarin scholen inhoudelijk en financieel betrokken zijn doordat een belangstellingsregistratie van scholen ontbreekt en in het plan de financiële inzet van de scholen evenmin wordt toegelicht.
- Citeren als
- Art. 1.5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0031898
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl