BWBR0033415
Geldig vanaf 01-04-2013
Artikel 13
Werkwijze geschilbeslechting energie
1. De ACM kan op de aanvraag beslissen zonder dat de aanvrager en/of de netbeheerder in de gelegenheid zijn gesteld een zienswijze te geven, indien naar het oordeel van de ACM:
a. de ACM kennelijk niet bevoegd is, of
b. de aanvraag kennelijk moet worden afgewezen.
2. De ACM is niet bevoegd om op grond van artikel 51 van de Elektriciteitswet 1998 of artikel 19 van de Gaswet op de aanvraag te beslissen indien:
a. geen sprake is van een geschil met een netbeheerder, of
b. het geschil geen betrekking heeft op de wijze waarop de netbeheerder zijn taken of bevoegdheden op grond van de Elektriciteitswet 1998 of de Gaswet uitoefent dan wel aan zijn verplichtingen op grond van deze wetten voldoet.
3. Indien de ACM reeds op grond van de aanvraag en de zienswijze van de netbeheerder concludeert dat:
a. zij kennelijk niet bevoegd is, of
b. zij de aanvraag kennelijk moet afwijzen,
beslist de ACM zo spoedig mogelijk dienovereenkomstig.
4. Indien de ACM op basis van de aanvraag en de zienswijze van de netbeheerder concludeert dat de aanvraag moet worden toegewezen, beslist de ACM dienovereenkomstig. In dat geval wordt niet nogmaals de aanvrager benaderd zijn zienswijze te geven op de nader ingediende gegevens en bescheiden.
a. de ACM kennelijk niet bevoegd is, of
b. de aanvraag kennelijk moet worden afgewezen.
2. De ACM is niet bevoegd om op grond van artikel 51 van de Elektriciteitswet 1998 of artikel 19 van de Gaswet op de aanvraag te beslissen indien:
a. geen sprake is van een geschil met een netbeheerder, of
b. het geschil geen betrekking heeft op de wijze waarop de netbeheerder zijn taken of bevoegdheden op grond van de Elektriciteitswet 1998 of de Gaswet uitoefent dan wel aan zijn verplichtingen op grond van deze wetten voldoet.
3. Indien de ACM reeds op grond van de aanvraag en de zienswijze van de netbeheerder concludeert dat:
a. zij kennelijk niet bevoegd is, of
b. zij de aanvraag kennelijk moet afwijzen,
beslist de ACM zo spoedig mogelijk dienovereenkomstig.
4. Indien de ACM op basis van de aanvraag en de zienswijze van de netbeheerder concludeert dat de aanvraag moet worden toegewezen, beslist de ACM dienovereenkomstig. In dat geval wordt niet nogmaals de aanvrager benaderd zijn zienswijze te geven op de nader ingediende gegevens en bescheiden.
- Citeren als
- Art. 13
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033415
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl