BWBR0033951
Geldig vanaf 22-09-2013
Artikel 3
Verordening PT erosiebestrijding Zuid-Limburg 2013
De ondernemer is verplicht:
a. zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk één maand na elke oogst van het betreffende teelt jaar een grondbewerking uit te voeren met een minimale diepte van vijftien centimeter, waarmee vooral de verslemping, verdichting, korstvorming en wielsporen worden opgeheven, behoudens bij de toepassing van (gras)ondergroei of bij de aanwezigheid van meerjarige teelten. De genoemde diepte van vijftien centimeter mag worden beperkt tot tien centimeter indien een hamsterovereenkomst van toepassing is en
b. tuinbouwgronden met een hellingspercentage van 18% of meer uitsluitend als grasland te gebruiken.
a. zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk één maand na elke oogst van het betreffende teelt jaar een grondbewerking uit te voeren met een minimale diepte van vijftien centimeter, waarmee vooral de verslemping, verdichting, korstvorming en wielsporen worden opgeheven, behoudens bij de toepassing van (gras)ondergroei of bij de aanwezigheid van meerjarige teelten. De genoemde diepte van vijftien centimeter mag worden beperkt tot tien centimeter indien een hamsterovereenkomst van toepassing is en
b. tuinbouwgronden met een hellingspercentage van 18% of meer uitsluitend als grasland te gebruiken.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033951
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl